Statistiek en astrologie volgens Dane Rudhyar

door Sjoerd Visser

'k Ben Brahman. Maar we zitten zonder meid (J.A. dèr Mouw) (*)
> Index <

Feit en fictie

Droom en realiteit

Sociale leerprocessen

Kritische dialoog

Lieve Mona en andere bronnen van kennis

De waarde van astrologische aforismen

Reputatie-exploitatie in de kredietcrisis van 2008

De meetbaarheid van veronderstelde astrologische effecten



Feit en fictie

> Top <

Dit is een bespreking van het artikel Dane Rudhyar - Statistical Astrology and Individuality. Een fragment ervan stond in het artikel Basale statistiek en kansrekening voor astrologen, maar omdat dat artikel veel te lang werd, werd het opgesplitst in afzonderlijke artikelen. Dat zal in de toekomst wel vaker gebeuren om de complexe materie waarover ik schrijf nog begrijpelijk te kunnen houden. Het artikel van de Dane Rudhyar (1895-1985) is beslist de moeite waard om in zijn geheel te lezen, omdat het u de positie van astrologen tegenover het gebruik van statistische methoden in de empirische wetenschappen laat zien. Het is tevens een goede illustratie van de astrologische manier van denken, die we ook bij invloedrijke populisten zien.

Toen Rudhyar het artikel in 1971 publiceerde hadden de p-waarden van statistische toetsen hun waarde al bewezen. Ze waren een verplicht onderdeel van het Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs (VWO). De waarde ervan zou ik pas later begrijpen toen ik geneeskunde studeerde. Toen ging het om de belangrijke vraag of een medicijn of gif gemiddeld gezien effectiever was dan placebo of niet. Alleen bij gebleken effectiviteit in voldoende grote groepen patiënten komt een geneesmiddel op de markt, maar niet als het effect slechts op suggestie of van horen zeggen kennis berust.

Het was me een waar genoegen om die statistische methoden vijftig jaar later toe te kunnen passen op een gerenommeerde astrologische database. Nu ging het om de vraag of bepaalde astrologische standen vaker of juist minder dan verwacht in bepaalde categorieën van personen voorkwamen of niet. Als dat met een aanzienlijke effect-waarde het geval zou zijn, dan zou dat empirische feit natuurlijk vermeld moeten worden in astrologieboeken. Maar als er statistisch gezien niets bijzonders aan de hand was, dan zou een waarschuwing voor onbewezen speculatie meer op zijn plaats zijn. Want dan werkten de astrologische principes in die categorie blijkbaar niet.

Maar astrologen hadden grote moeite met de toepassing van statistische toetsen op hun astrologische wereldbeeld en visie. Ze probeerden de waarde van die waardevol gebleken methoden met alle macht te ontkrachten. Zo ook Dane Rudhyar in Statistical Astrology and Individuality, wiens artikel ik bij nader inzien zou willen typeren als een toonbeeld van Cruijffiaanse logica, maar dan in een astrologisch jargon:

Cruijffiaans kenmerkt zich door een verzameling woorden uit het voetbaljargon, het plat Amsterdams en oneliners die het midden houden tussen paradoxen, inzicht en open deuren. Taalkundige René Appel meent dat Cruijff 'op een heerlijke manier uitdrukkingen verkeerd gebruikt.' Omdat Johan Cruijff voor zijn toehoorders vaak niet te volgen was, spreekt men van Cruijffiaans taalgebruik.

Het gaat dan om een voor buitenstaanders lastig te ontrafelen woordenspel van feit en fictie, dat bij astrologie liefhebbers als wijs en gevat overkomt, maar toch dat met allerlei drogredenen aaneen is geregen. Voor Rudhyar en zijn publiek gaat het om vanzelfsprekendheden, maar kritisch beschouwd halen zijn beweringen nog niet eens het niveau van een toetsbare werkhypothese. Want veel zaken die astrologen vanzelfsprekend vinden berusten niet op objectieve feiten, maar op bijgeloof en onbewezen aannames.

Over die slimme praktijk van het combineren van feit en fictie gaat dit artikel. Het zou daarom een groter publiek moeten aanspreken dan alleen astrologen. Want ook politici, leraren en journalisten worstelen met dit probleem. Wat is nu feit en wat is fictie? Wat zijn oorzaken, wat zijn de gevolgen? Welke strategie of versie van de waarheid werkt het best? Voor welk publiek? In welke situatie? Want de waarheid kennen we niet. We kennen wat regels uit leerboeken, dorre feiten en statistieken en veel jurisprudentie en conclusies. Maar of en wanneer die kennis toepassing is weten we niet. Daarover kan iedereen een andere mening hebben.

Bij zo'n kakofonie van meningen is het belangrijk belangrijk om de vijf journalistieke vragen te stellen: Wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe. De antwoorden op die vragen zeggen iets over de kwaliteit van de geboden informatie. Een boek of artikel waarin iemand van alles beweert zonder zijn bronnen te vermelden kunt u het best als fictie beschouwen, ook al bevat dat verhaal een kern van waarheid. Een artikel waarin staat dat een specifieke Jan, Piet en Kees allemaal wat anders over iets vinden is al meer betrouwbaar. Want dat meningsverschil is in principe een verifieërbaar feit. Maar als politici over een Jan Modaal of Piet het individu spreken, dan moet u al weer op uw tellen passen. Want dat kunnen wel eens fictieve personen zijn.

Tegenwoordig willen we ook meer weten over de kwantitatieve h-vragen van statistici: Hoeveel, hoe lang, hoe sterk, hoe significant, hoe relevant? Omdat de exacte details een kritische lezer meer zeggen dan vage termen als soms, vaker, minder vaak of nooit. Maar die cijfers zulten in astrologieboeken ontbreken.

Droom en realiteit

> Top <

Een ander belangrijk onderscheid is dat tussen droom en realiteit. En dat onderscheid is helemaal niet zo simpel als het lijkt. Zo is het bestaan van een virtuele realiteit niet ondenkbaar.

En dat bedrog hoeft niet zo hopeloos te zijn als in de cultfilm The Matrix of het boek 1984 van George Orwell, waarin een Big Brother een totalitair land bestiert. Want het hersenspoelen en indoctrineren van burgers en militairen via massamedia en bijzondere scholing heeft historisch gezien al tot onnodig bloedvergieten en zelfs genocide geleid. Tragische gebeurtenissen in betweterige oorlogen die later weer werden ontkent of genegeerd, omdat ze niet pasten bij het imago van degenen die daar verantwoordelijk voor waren. Machthebbers kunnen via straf en beloning hun onderdanen opvoeden voor een beter denken.

We zien George Orwells 1984 in Putins Rusland terug. Een oorlog met een land dat blijkbaar niet bestaat (Oekraïne) wordt geen oorlog meer genoemd, want in Putins Newspeak gaat het slechts om een “speciale militaire operatie” waarvoor de doorsnee Rus niet wakker voor hoeft te worden gemaakt.

Newspeak is een fictieve taal in George Orwells roman 1984. Het is een taal die wordt gecreëerd en gecontroleerd door de totalitaire staat als een instrument om de vrijheid van gedachten en concepten die een bedreiging voor het regime vormen (zoals vrijheid, zelfexpressie, individualiteit en vrede) te beperken. Elke vorm van denken die zou kunnen afwijken van de voorgeschreven opvattingen van de Partij wordt beschouwd als thoughtcrime (gedachtemisdaad). Kenmerkend is met name het beperken van de woordenschat en daarmee het instrumentarium van het individu zelf de eigen gedachten te vormen en ook politieke standpunten te bepalen.

Een algemene mobilisatie is niet nodig, want dat zet mensen alleen maar onnodig aan het denken. We maken er liever een traditie van: U kunt roem oogsten op het slagveld. De gangbare politiek is slechts business as usual, een lokaal oproer dat op het juiste moment met minimale militaire middelen de kop kan worden ingedrukt. Vergelijk Putins actie in de vrijstaat “Oekraïne” met de Nederlandse “politionele acties” tegen de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog (17 aug 1945 – 27 dec 1949). Die mitaine klus tegen de virtuele Indonesische betweters en communisten was best wel heftig, maar met onze wilskracht en volharding kwamen we best wel ver. Maar was er ook sprake van volkenrecht? Daar dachten onze bondgenoten weer anders over.

Maar in Oekraïne regeerden volgens Putins reptielenbrein onder een corrupte Joodse president slechts Neonazi's. Die we dus definitief verdrijven moeten uit die regio, omdat een door die Nazi propaganda niets met Putins staatspropaganda moedertje Rusland te maken willen hebben. Die voormalige Slaven moesten zo nodig individueel zijn, maar zie maar eens waar dat met onze bommen en granaten toe leidt. Totale verwoesting van de ooit geliefde havenstad Marioepol. En ook Oddesa en Kiev werden aangevallen.

En dan hebben we nog niet gehad over de nucleaire kant van dat peutergelijk. Zoals sommige gevigileerde landen met kernwapens een sleutelpositie in de Veiligheidraad vaan de Verenigde Naties mogen verkondigen. Ik sta in mijn gelijk en anders blaas ik de hele boel op. Want ook al staat een kleuter in zijn ongelijk, hij kan wel met ongerede woedeuitbarstingen de familie relaties verstoren . Moet u zich dan aan dat nucleair peutergedrag aanpassen?

En hoe gaan de Verenigde Naties daarmee om? Dat hangt af van de door hen gevonden feiten en omstandigheden. Is een evident door een paranoïde geregeerde reptielenbrein onze vriend of vijand? Daar kunt u nooit zo zeker van zijn. Vraag het aan Als het reptielenbrein de baas wordt - Mana kindercoaching.

Het reptielenbrein is het oudste deel en dat houdt goed in de gaten of het veilig is voor jou en of jij je veilig voelt. Het zoogdierenbrein gaat over de emoties die je voelt. Voel je je bijvoorbeeld blij, bang, boos of verdrietig. Het mensenbrein helpt je bij het nadenken en alle dingen die je kunt leren en ontdekken.

Maar het beperken van de empirische woordenschat in Putins metafysische Wonderland gaat al zo ver dat een Rus die zwijgend protesteert met een blank A4-tje door Putins oproerpolitie al uit voorzorg wordt opgepakt. Want een nog niet door Putins staatstelevisie gefixte burger zou er nog wel eens wat anders in kunnen zien dan het officiële verhaal. Met zo'n vage Rorschach test weet een dictator nooit gereed wat de uitkomst wel zal zijn. Heb ik nu te maken met een mafkees of een zeloot? En die vaagheid zaait toch wel onnodige twijfel, terwijl we nu juist wilskracht en vastberadenheid nodig hebben om de vermeende Neonazi's in Oekraïne te moeten verslaan.

Russische burgers die hun eigen opvattingen over de door hen aangetroffen feiten verkondigen, in plaats van het officiële verhaal van het Ministerie van Defensie en gladjanussen als Peskov en Lavrov verkondigden, werden beboet of in het gevang gezet. Evenals de nog resterende restanten van de nog weldenkende Russische oppositie. En onnozele lieden die Putins waandenkbeelden serieus namen worden bekroond. en beloond Ze komen volgens Putins staatskerk in de hemel komen als ze sneuvelden voor zijn oorlog en hun familie wordt daar nadien ook nog eens geldelijk voor beloond. Want door hen aan te moedigen ten strijde te gaan tegen de welbekende Nazi's in Oekranië in plaats van in Putis gevangenissen te blijen betoonden ze hun ware liefde voor Putins vaderland,





Zo kan een lang gekoesterde wens uitkomen. Een droom wordt dan realiteit.

Om dat te verduidelijken stel is u een simpele vraag over een kwestie waar in de Verenigde Staten van Amerika al veel onderzoek door rechters, journalisten en wetenschappers is gedaan. Zie het als een filosofisch intermezzo of een oefening in reflectie en mededogen dat u weer eens aan denken zet.

Heeft de I Have a Dream rede van Martin Luther King recht op een bestaan?

Ik heb een droom dat op een dag dit volk zal opstaan en recht zal doen aan de ware betekenis van zijn credo: "Wij beschouwen de volgende waarheden als vanzelfsprekend: dat alle mensen gelijk geschapen zijn".

De door witte mannen bevolkte FBI beschouwde Martin Luther King (MLK) als een staatsgevaarlijke gek, voor iets dat ons nu vanzelfsprekend lijkt. Maar eeuwenlang rechtvaardigden stereotyperingen van witte mannen over een inferieur zwart ras hun systematische onderdrukking. De tot slaaf gemaakte zwarten waren volgens dat beeld dom, lui en koppig. Investeren in hun scholing had weinig zin, maar als onderbetaalde dagloners of slaven gedroegen ze zich nuttig via straf en beloning. En als ze zich niet meer aan die beproefde principes hielden, dan werden paramilitaire ordetroepen tegen hen ingezet.

Het woord slaaf heeft overigens niets met ras of huidkleur te maken. Dat is het gangbare beeld, maar dat was ooit minder vanzelfsprekend. Want slavernij, mensenhandel en ongerechtigheid zijn universeel. Daarom is leerzaam om de herkomst van het woord slaaf eens na te gaan. En ik kwam erachter dat mijn beeld van de slavernij niet klopte. En dat slavernij en mensenhandel nog lang niet waren afgeschaft, maar in verkapte vormen voortleven.

Onder de opvolgers van keizer Karel de Grote in de negende eeuw en later breidde het Duitse Rijk zich in oostelijke richting uit. Het woongebied van Slavische volkeren (Slaven) als de Sorben werd aan Duitsland toegevoegd. Leden van deze volkeren werden gevangengenomen, naar een vreemd land versleept en daar tot onbetaalde arbeid gedwongen. De aanduiding 'slaaf' werd dan vervolgens van toepassing op een persoon die zich in een dergelijke gevangenschap bevindt.

Nadat Constantinopel door de Ottomanen werden veroverd, konden Europese edellieden hun lijfeigenen niet meer uit Oost-Europa betrekken. De Europese Unie (EU) met relatief goedkope Oost-Europese arbeidsimmigranten bestond nog niet. En ook zijderoute naar goedkope onder verstikkende arbeidsomstandigheden verkerende Aziatische arbeidskrachten was nog niet ontwikkeld. Maar in een door een stammenoorlogen verdeeld West Afrika was er nog wel een goede markt voor slavernij. Zwarte mensen die in Romeinse tijden de lastig te ontcijferen geschriften en wetteksten zonder interpunctie aan Romeinen voorlazen werden ineens als leden van een inferieur ras beschouwd.

Maar in de vorige eeuw verschenen zwarte mensen op het toneel die net als de Dolle Mina's van Opzij, de vertrouwde Westerse beschaving radicaal op de kop wilden zetten door gelijke burgerrechten voor alle Amerikanen te vragen. Maar dat ecologische idee van we zitten allemaal in hetzelfde schuitje veroorzaakte weerstand onder witte mannen. Want als zwarte mensen tot volwaardig Amerikaans staatsburger zouden worden gemaakt zouden ze wel eens wraak kunnen nemen voor al die jaren van uitbuiting en dehumanisering. Ze konden met gelijke burgerrechten, betere scholing en gelijke kansen wel eens witte banen willen inpikken. Of onze schapen opeten, zoals de door natuurwetten beschermde wolven uit Oost Europa plegen te doen. Biodiversiteit en aandacht voor de natuur zijn leuk, maar u wilt geen last hebben van onkruid in uw moestuin. Uw hulpbronnen geeft u niet zomaar weg. Daarom waren de door MLK en de Dolle Mina's opgeëiste burgerrechten geen vanzelfsprekendheid voor witte mannen.

Maar ook zonder iemand letterlijk tot slaaf of paria te maken kunnen we anderen in mentale hokjes opsluiten, met dezelfde sociale uitsluiting en verminderde kansen tot gevolg. Op papier bestaat misschien wel vrijheid, gelijkheid en broederschap voor iedereen, maar in de praktijk komt het daar niet van. Want mensen zijn nog steeds kuddedieren en stellen de belangen van hun eigen groep voorop. En dat is ook wel logisch, want als u iedereen gelijke rechten geeft is het hek van de dam. Dan wil iedereen wel van uw exclusieve mensenrechten en ecologische voetafdruk genieten. Daarover ging de dystopische roman Animal Farm:

Animal Farm (Nederlands: "Dierenboerderij" of "Boerderij der dieren") is een roman van de Britse schrijver en journalist George Orwell. Het satirische verhaal, dat ook als moderne fabel of allegorie kan worden opgevat, gaat over een groep dieren die er genoeg van heeft om als slaven van de mensheid te moeten leven, en de macht in eigen handen neemt. Het loopt uiteindelijk, anders dan de meeste dieren zich ervan voorgesteld hadden, uit op een dystopische samenleving. Hun leven wordt slechter in plaats van beter. In de betrekkelijk korte roman (ongeveer 100 pagina's) wordt een parallel getrokken met een dictatuur, waarbij overduidelijk gezinspeeld wordt op de Sovjetunie zoals die ontstond in 1917-1922.

Maar verschillen mensen, dieren, planten, culturen en hun horoscopen dan niet enorm van elkaar? Ja, natuurlijk. Daarom worden allerlei boeken over al die soorten mensen en hun tradities geschreven. Maar het feit dat mensen van elkaar verschillen geeft u nog niet het recht om andere mensen te discrimineren. Discriminatie in de zin van mensen anders behandelen, achterstellen of uitsluiten op basis van kenmerken die er niet toe zouden mogen doen. Maar dat is wel onze manier van doen. Want door onze privileges aan te staan, benadelen we niet alleen onszelf, maar ook ons gezin. Maar we willen toch wel eerst onze eigen hypotheek afbetalen en studie van onze kinderen bekostigen, voordat we ons bekommeren om de negerhut van Oom Tom. Een beetje filantroop of mens van adel moet toch wel eerst zijn eigen zaken op orde hebben (noblesse oblige), voordat hij zich kan bemoeien met het welzijn van minder bedeelde anderen. En zo stellen we het probleem van de ongelijkheid liever nog eventjes uit of maken er andermans probleem van. Want wij hebben die ongelijkheid natuurlijk niet bedacht. Het is nu eenmaal zo gelopen. Maar is dat ook zo?

We zien dat probleem terug bij het massaal verdrinken van bootvluchtelingen in de Middellandse Zee, een humane tragedie waar blijkbaar niemand om heeft gevraagd.

De rechtse columniste Annabel Naninga (1977) van de shockblog GeenStijl bedacht voor de Afrikaanse bootvluchtelingen het cynische eufemisme dobberneger. Het geeft een beeld van een zwarte man die zachtjes op en neer wiegt in de Middellandse Zee, zoals ook de Westerse toeristen in hun luxueuze hotels aan de Mediterrane stranden op zee spelevaren. Want hadden ze dit tragische noodlot niet zelf verkozen? Ze waren niet door Nazi's naar Auschwitz getransporteerd om daar een aan het opgedrongen Himmelfart mee te maken.

Waarom namen die asielzoekers in krakkemikkige bootjes niet gewoon het vliegtuig zoals de Westerse toeristen naar die lustoorden doen? Omdat alle luchtvaartmaatschappijen hen zonder geldige reispapieren weigeren. Zonder papieren moeten ze hen meteen en zonder vergoeding terugbrengen. En dat is voor de KLM geen goed verdienmodel. Dat is EU beleid. Waarom krijgen Afrikanen geen reisvisa voor Europa? Bijvoorbeeld om eens in hun leven naar de Parijs te gaan? Ook dat is door het Europese parlement en alle naties verkozen EU beleid.

Want stel je eens voor dat Afrikaanse mensen asiel zouden willen aanvragen vanwege discriminatie en onderdrukking in hun geboorteland. Dan is het hek van de dam en wordt ons land overstroomt door vluchtelingen voor wie er geen herberg is. Dat was het magistrale verhaal van het kindeke Jezus. Opvang in de door ons gesubsidieerde regio (kribbe) heet dat beleid. Maar waag niet een zegetocht naar ons Jeruzalem.

Zij legde Hem in een kribbe, want er was geen plaats in de herberg (NBG-vertaling). (Luc.2:7) Ze legde hem in een voerbak, omdat er voor hen geen plaats was in het nachtverblijf van de stad (NBV-vertaling)

En dat hun schippers dus niet hun beste boten inzetten, heeft ook weer te maken met EU beleid. Want vluchtelingenboten worden meteen in beslag genomen zodra ze Fort Europa bereiken. Daarom zetten mensensmokkelaars slechts afdankertjes in. En als u als NGO een crowdfunds opzet voor betere boten of zelfs reddingsboten dan maakt u al snel deel uit van een criminele organisatie die zich met niet met mensenrechten, maar met onwettige mensensmokkel bezig houdt.

Onze neiging tot stereotypering en uitsluiting is sterk en dat heeft aldoor ingrijpende maatschappelijke gevolgen. Zo werden zwarte kinderen uit achterstandswijken door onderwijzers als dom, lui en koppig bestempeld. Ze groeiden op voor galg er rad. En dat bleek ook wel uit de misdaadcijfers.

Betekenen deze empirische vaststellingen dat dit stereotype beeld de inherente eigenschappen van kleurlingen uit achterstandswijken waren? Nee, want dan zou u oorzaak en gevolg met elkaar kunnen verwisselen. Een rechter of wetenschapper moet ook met de sociale context rekening houden. Want als via experimenteel onderzoek alle schoolkinderen gelijke kansen geven, dan vallen vrijwel al die sociaal-demografische verschillen opeens weg. Dan zien we de normale distributie van hiernaast in plaats van meerdere elkaar overlappende curves van meer of minder door u en mij benadeelde groepen. Dan zou u ze dus wel een eerlijke kans moeten geven.

Maar wilt u wel een eerlijk beleid voor iedereen? Wilt u ieder gender identiteit, landbewoner, geloof of sterrenbeeld gelijke kansen geven? In dat geval moet u ook eerlijk met hen omgaan. En objectief observeren wat ze in hun mars hebben. Maar niet iedere burger wil op een eerlijke wijze met anderen concurreren, want een eens verkregen voorkeurspositie geeft u niet zomaar weg. U wilt weliswaar sportief overkomen, maar als een partijdige scheidsrechter op het juiste moment in uw voordeel beslist of als het balletje door toeval in het gewenste doel kwam dan hebt u in uw ogen terecht gewonnen.

En als u aan dat unieke baantje kwam, doordat u op de dezelfde studentenvereniging had gezeten als uw leidinggevende, dan was die traumatische ontgroening toch niet voor niets geweest. Evenals de nuttige collegedictaten van bijklussende studiegenoten die u goed uitkwamen als u tijdens de hoorcolleges uw roes nog uitsliep. Want op die manier haalde u de eindstreep wel. Dat traditioneel bevooroordeelde systeem werkte blijkbaar voor u. Een goede traditie geeft u niet zomaar op.

Sociale leerprocessen

Hoe werkt zo'n sociaal leerproces in ons brein? De variatie die we in de empirische wereld aantreffen probeert ons brein te duiden door allerlei associaties aan te brengen met categorieën die we via onderwijs en ervaring al kennen. Enkele categorieën en hun duidingen zijn aangeboren, maar de meeste kennis wordt u aangeleerd door te leren uit de praktijk, inclusief uw ervaringen met straf of beloning door ouders, mentoren, managers en andere belangrijke anderen. De angst voor heksen, kapitalisten of communisten is vrijwel zeker cultureel bepaald, maar de angst voor slangen is aangeboren.

Op cellulair niveau begint ieder leerproces met verhoogde activiteit van al bestaande neuronale verbindingen, maar omdat die neurale opwinding veel energie kost, worden de meest actieve verbindingen via het aanmaken van nog efficiëntere verbindingen geautomatiseerd. Op die manier ziet het geoefende oog van een automonteur al snel wat er onder de motorkap gebeurt, terwijl het voor een leek nog een raadsel is. Want leken kennen de daar geldende logische verbanden niet. En zo ziet een ervaren astroloog zaken in uw horoscoop die gewone mensen niet zien. En na een snelle oplossing van hun duiding kunt u weer verder.

Onze hersenen zijn plastisch, ze kunnen nieuwe verbindingen aanmaken of weer afstoten, naar gelang u ze vaak genoeg of niet meer gebruikt. En of nu piano speelt, overvallen pleegt of puzzels oplost, het is gewoon een kwestie van vaak doen. Hoe vaker u iets doet, des te gemakkelijker verloopt die actie. Maar als u door een langdurige hospitalisatie, gevangenschap of luiheid niet meer oefent, kunt u verworven vaardigheden ook weer kwijtraken.

Eenmaal in de gevangenis gezet kunnen boeven geen roofoverval meer plegen. Hopelijk leren ze die slechte gewoonte dan snel af. Maar als ze in die gesloten gemeenschap weer allerlei foefjes en geitenpaden van elkaar leren, zoals gebruikelijk is bij succesvolle managers in het hogere segment, dan proberen ze later weer wat anders uit. Want leren doen we vooral in de praktijk via imitatie, trial en error. En iedereen heeft daar weer andere ervaringen mee opgedaan. Dat maakt iedere gerede opvoeding ook zo lastig.

Door iets goeds, middelmatigs of sociopathisch vaak te doen worden de zenuwbanen en hun synapsen (schakelingen) in uw slaap zo ingesteld dat de benodigde hersencellen op het juiste moment afvuren. U hoeft die actie dan niet meer met veel wilskracht in opperste concentratie bewust uit te voeren, want eenmaal aangeleerd verloopt het associatieproces grotendeels in de automatische piloot. U hoeft dat automatische proces slechts wat bij te sturen. En soms moet keihard op de rem staan als u al te impulsief graaide in een verkeerd door u ingeschatte situatie. Want in de Hof van Eden leven we niet meer. Niets ligt nog gratis voor het grijpen in een supermarkt met bewakingscamera's.

Door regelmatig te oefenen, zowel fysiek als in de verbeelding, leren kinderen en volwassenen zich allerlei vaardigheden aan. En die vaardigheden verlopen daarna in de automatische piloot. Een astroloog vertoont u dan zijn astrologische kunstjes, een turner de capriolen op zijn gebied. En deskundigen op ieder gebied kunnen u hun kunstjes logisch uitleggen of als u dat niet snapt het simpel voordoen, zodat u ziet hoe goed het werkt in hun praktijk. Ik doe een Flik Flak en kom toch weer op mijn pootjes terecht. En zo kunt ook met mentale kunstjes pronken.

Een kleuter kunt u nog van alles wijsmaken, want een kleuter leert onbewust door imitatie en gelooft de Walt Disney film die hij op televisie ziet. De kleuter fantaseert dan net als Peter Pan even te kunnen vliegen. Maar al snel is hij dat inadequate voorbeeldgedrag weer kwijt, want een kleuter leeft vooral in zijn grandioze hier en nu. Op kleuterleeftijd heeft ieder kind ADHD kenmerken, want de prefrontale cortex is nog onrijp. Logische verbanden kunnen kleuters niet bevatten. Vandaag zeggen ze dit, morgen weer wat anders. Het is maar hoe hun dagkoers is. Ze zijn nog niet schoolrijp. Een Flik Flak zit er nog niet in, want ook hun motoriek is nog veel te houterig:

De prefrontale cortex is betrokken bij cognitieve en emotionele functies als beslissingen nemen, plannen, sociaal gedrag en impulsbeheersing.

Kleutergymnastiek richt zich daarom op meer elementaire vaardigheden als rennen, stoppen, knippen en plakken, die ook volwassenen zich weer eigen moeten maken als ze uit een langdurig coma ontwaken. Dan moeten kunstmatig in leven gehouden personen met behulp van een ergotherapeut weer allerlei dingen over hun lichaam leren. En dat is figuurlijk soms ook het geval bij mensen die na jaren in de automatische piloot te hebben geleefd opgebrand raakten. Ze deden plichtsgetrouw wat ze moesten doen, maar raakten het contact met het spelende kind in zichzelf (homo ludens) kwijt.

Vanaf het 7 de levensjaar gaan kinderen logisch nadenken. Dat begint met het nadenken over concrete zaken die kinderen kunnen zien en voelen. Door over concrete zaken na te denken en ermee te spelen krijgen kinderen al snel door dat Piet en Sint niet door de schoorsteen kunnen kruipen. Maar als hun meer ervaren ouders iets metafysisch voor vanzelfsprekend houden, iets dat ze niet zelf even kunnen uitproberen - opa is nu in de hemel - dan zal dat wel zo zijn. Want daar is abstract denken voor vereist dat ze nog niet zo goed beheersen.

De mens is in tegenstelling tot een reptiel een kuddedier, die soortgenoten nodig heeft om kunnen te overleven. We overleven niet met onze aangeboren hap en snaai mentaliteit of vecht of vlucht instinct als het misgaat. We kunnen beter niet alles zelf uitproberen, maar vertrouwen op de kennis, wijsheid en ervaring van belangrijke anderen die ons en onze leefomgeving kennen. En niet toevallig werden zorgzame zoogdieren als walvissen en olifanten de grootse dieren op aarde.

Als jong en onervaren kind vertrouwen we op de wijsheid en liefde van onze ouders en familieleden. Als we ouder worden gaan we af op we de meningen van vrienden, leraren en andere voorbeeldfiguren, die we in het ideale geval ook nog eens zelf kunnen kiezen. Maar als we later in het echte leven boeven en tirannen ontmoeten, dan hebben te maken met hun normen en waarden. Ook al zijn die volgens uw inzichten onjuist. En dan kunt u daar wel tegen in opstand willen komen, maar in uw eentje lukt dat zelden. En veranderingsprocessen gaan ook niet zo snel. Transformatie is een langdurig cyclisch proces met aan astrologen bekende hiaten:

In het achtste huis van schorpioen worden uw veronderstellingen over uzelf en de wereld diep beproefd. Wat niet van waarde is wordt achtergelaten of getransformeerd in iets anders. En daaruit ontstaat de hogere filosofie van het negende huis - tegenover - maar ook met respect voor de empirische feiten uit het derde huis. Daarna volgt de confrontatie met de aan plaats en tijd gebonden wetten en regels van het tiende huis, waar we soms uit moeten breken via gelijkgezinden uit het elfde huis, omdat het in ons eentje niet meer lukt. Dat elfde huis kan daarom zowel tot zegenrijke vriendschappen als tot bekrompen groepsdenken voeren.
En daarna volgt het moeilijk te definiëren mystieke twaalfde huis. Misschien vinden we daar wel iets terug van de wijsheid van Socrates, die ruiterlijk toegaf niets te weten, maar toch op zoek bleef gaan naar het ware en het goede, zonder iets of iemand bij voorbaat uit te willen sluiten. Misschien is het twaalfde huis daarom wel het vierde kennishuis, waarin uw negende huis overtuigingen ditmaal worden beproefd met behulp van controlegroepen en u een dialoog moet aangaan met de vergeten rest. En dan blijkt uw op ervaring en van horen zeggen hoger weten toch wat beperkter te zijn dan u eerder had gedacht.

Niet zozeer uw persoonlijke overtuigingen en ervaringen, maar vooral de normen en waarden van belangrijke anderen bepalen doorgaans de keuzen die u in uw leven maakt. Het kost immers veel mentale energie om tegen de stroom in te gaan als autonoom gedrag en kritisch denken niet worden gewaardeerd. Maar complimentjes ontvangen door blijkbaar nogal wiedes feiten snel te snappen (accepteren) wil ieder kind wel krijgen. En daarom blijven ook bij mensen die logisch gezien beter zouden moeten weten, imitatiegedrag en kruiperij nog wel bestaan.

Op de middelbare school begint het abstracte denken. U kunt dan in uw verbeelding redeneren over abstracte zaken door geestelijk te jongleren met aangeleerde beelden, metaforen en vergelijkingen. En die beelden. metaforen en vergelijkingen verschillen per cultuur en stroming. U kunt met dat abstract denken alle kanten op. Denk maar aan de verschillende bijzondere scholen die les geven op basis van een geloof, levensovertuiging of een onderwijsconcept. En ondertussen rijpt het nog onvolwassen brein.

Zolang uw prefrontale cortex nog niet rijp is, bent u extra gevoelig voor desinformatie, drugs en andere verstoringen van het evenwicht, zoals ook een nog onrijpe democratie zonder goed werkende instituties kwetsbaar is voor agitatie en censuur. Want ook uw manier van denken, geweten en focus op de werkelijkheid moeten zich nog ontwikkelen. En dat gebeurt na de puberale groeispurt niet meer op een kwantitatieve manier, maar op een kwalitatieve manier.

Een puber denkt nog in zwart-wit termen, is fel voor of tegen de opvattingen van anderen, want de puber moet zijn identiteit nog vormen. En dat begint op het schoolplein en in het gezin. Maatschappijleer en godsdienst vinden ze stomme vakken en welk vak eigenlijk niet, als ze ook naar hun idolen op Tik Tok kunnen kijken. Maar adolescenten (16-21 jaar) hoeven zich minder tegen hun ouders te verzetten en raken op de buitenwereld georiënteerd. Ze krijgen immers stemrecht en moeten een beroep of opleiding kiezen. Ze ontwikkelen hechte vriendschappen met leeftijdgenoten en gaan in besloten kring over hun ervaringen met de grote mensenwereld praten. Want hoe zit die wereld nu echt in elkaar?

Op een hogere school of tijdens een nascholingscursus blijken de u eerder aangeleerde verhalen toch weer gecompliceerder in elkaar te zitten dan u had gedacht. U dacht nog teveel in oppervlakkige etiketten en formules en restanten van groepsdenken, die achterhaalde voorstellingen van zaken bleken te zijn. En dan komt u in aanraking het gevonden feit dat wetenschappers het hoe en waarom van veel feiten nog niet weten, omdat er te weinig onderzoek naar is gedaan. Maar die nuance stond om didactische redenen niet in uw schoolboeken vermeld.

Want waarom zouden kinderen nog dorre data en theorieën uit schoolboeken bestuderen als hun grote levensvragen daarmee niet worden beantwoord? Als het toch weer om een boek met een open einde gaat? In plaats een eind goed, al goed sprookje? Om die reden geven ouders en leraren toch maar weer het beste antwoord dat ze kunnen bedenken op al die hoe en waarom vragen van hun kinderen. Ook al weten ze het antwoord niet. Want als ze dat niet zelf doen of aangeven dat ze het niet weten, dan gaan uw leergierige kinderen bij malafide betweters te rade, terwijl ze alleen maar om wat aandacht vroegen.

Op zich is onze neiging tot categorisering niet verkeerd. Correct tussen goed en kwaad discrimineren is een kwestie van overleven. En of u een MLK of Dolle Mina kunt vertrouwen is een terechte vraag. Want wilden ze niet de maatschappelijke orde verstoren? Daarom werden ze in de gaten gehouden, gediscrimineerd of gemarginaliseerd. Zolang ze nog niets misdaan hebben kan justitie die oproerkraaiers niet opsluiten, maar hen in een hokje plaatsen, op hun tekortkomingen wijzen of hun verhaal straal negeren kunt u als gewoon burger nog wel.

Maar kunt u met al die commotie nog wel op uw eigen oordeelsvermogen vertrouwen? Daar gaat het nog wel eens mis, als we bevooroordeeld denken. Want typisch maken vooroordelen deel uit van uw (sub)cultuur. En dat geldt dus ook voor het wereldbeeld van astrologen. Daarover ging Wat verwacht u aan te treffen?

Het antwoord op de vraag Wat verwacht u aan te treffen heeft vooral te maken met uw wereldbeeld, de wijze waarop u over “de wereld” denkt. En uw wereldbeeld hangt weer samen met uw opvoeding en ervaring. Daarom worden uw waarnemingen niet alleen gekleurd door wat in hemel en aarde objectief aantoonbaar is, maar ook door wat u vanuit uw wereldbeeld verwacht te kunnen zien. Uw denkende brein doet immers altijd uitspraken op basis van uw opvoeding, opleiding, afkomst of geloof in iets. En daar komt u niet zomaar van af. Maar hierdoor worden uw waarnemingen beïnvloed door allerlei vormen van vooroordelen. Of u dat nu wilt, doorhebt of niet.

Volgens astrologen bepalen uw geboortetijd (Zeitgeist) en de plaats van geboorte (cultuur) de essentie van uw wezen. Dat is de kern van het astrologische verhaal. En dat sociaal-demografische verhaal lijkt voor de langzame planeten soms te kloppen. Zo stelde ik in Enneagram en astrologie (2010) empirisch vast dat iemands enneatype (een bepaalde manier van denken) op basis van het geboortejaar al redelijk goed te voorspellen was. En dat had te maken met toen gangbaar groepsdenken.

Maar voor de persoonlijke planeten geldt dat niet, omdat iedere individu weer anders is. Of op zijn minst uniek gelooft te zijn. En dan moet u net als een rechter, arts of psycholoog per geval met de gevonden feiten en omstandigheden rekening houden. Zo stellen artsen en psychologen hun diagnosen en strafrechters de bewezen strafbare feiten vast. En een astroloog kijkt naar de horoscoop, want daar heeft hij voor geleerd. Maar bedenk wel dat het slechts om associaties gaat en dat u net als een rechter, arts of psycholoog meer onderzoek moet doen, voordat u iets op een deskundige manier kunt verklaren. Wat voor u een hamerstuk mag lijken te zijn, is voor veel van uw beroepsgenoten nog geen uitgemaakte zaak. En zeker niet als er onenigheid bestaat over de discriminatiegronden, zeg maar de argumenten die er in een bepaalde zaak wel of niet toe zouden mogen doen. Zo kunnen er hele discussies ontstaan over astrologische uitspraken als: Rammen zijn agressief.

Een ander voorbeeld kan dit verduidelijken: Astrologen associëren de planeet Uranus met revoluties en elektriciteit, want Uranus werd in roerige tijden ontdekt. Stel u trof in Silicon Valley veel internet ondernemers en programmeurs aan. En misschien zag u bij een screenend onderzoek van hun horoscopen wel opvallend veel Uranische en Mercuriale aspecten. Dan kunt u geneigd zijn die internet revolutie met Uranus en Mercurius te associëren. Dan hebt u dat fenomeen astrologisch verklaard. Maar een scepticus zou zeggen, hebt u ook andere beroepsgroepen onderzocht?

Zodra we controlegroepen gebruiken of experimenten uitvoeren die onze Aha belevenissen (stereotypen) kunnen weerleggen blijken intuïtieve aannames meestal op toeval of vooroordelen te berusten. Dat is de kern van het wetenschappelijke verhaal. De door astrologen veronderstelde relatie tussen het individu en zijn horoscoop werd nooit wetenschappelijk aangetoond. En biologen en volkenkundigen vonden nooit zoiets als het negroïde ras of de Bijbelse twaalf stammen van Israel.

Biologisch gezien bestaan er naar hedendaagse wetenschappelijke inzichten binnen de soort Homo sapiens echter geen rassen.

Maar waarop berust dan het recht van orthodoxe Joden om Palestijnen te discrimineren? Veel discriminerende wetten en praktijken berustten op een soort collectief volksgeheugen. En vaak zijn dat de mythen van bevoorrechte groepen waarmee u zich bewust of onbewust identificeert:

Ik ben een man. Ik ben sterk. Ik heb een wapen in de hand. Jij bent een vrouw. Jij bent begeerlijk. Je heb een mooie jurk aangedaan. En dat zijn Palestijnen. Ze horen niet thuis in ons Beloofde Land.

De al op onze kleuterschool aangeleerde schema's van man en vrouw zijn, stereotypen waar we ons op latere leeftijd niet meer bewust van hoeven te zijn, kunnen als ingesleten gedragspatronen een zelfvervullende profetie worden. Getalenteerde vrouwen in mannenberoepen haken na reeksen negatieve ervaringen eerder af, als ze wel mogen meedoen, maar niet hun stem mogen verheffen. Dat anti-bitch beleid stond niet op papier geschreven, maar daarom werkt het juist zo sterk omdat u zich tegen ongeschreven of willekeurig toegepaste wetten moeilijk kunt verzetten.

Dergelijke ongeschreven wetten verklaren de grote verschillen tussen waar mensen oprecht in zeggen te geloven (idealen, waarden) en dat wat ze in de praktijk doen (normatief gedrag). En van al die ongeschreven culturele waarden en normen die uw brein beïnvloeden maken opportunisten gretig gebruik. Want met onze overdreven drang tot categoriseren en angst voor het onbekende kunnen mensen zichzelf en elkaar gemakkelijk manipuleren. Discriminatie op basis van vooroordelen over ras, stam, geslacht, godsdienst en andere menselijke eigenschappen is dus een wijdverspreid maatschappelijk gebruik, waar zelfs naar objectiviteit strevende wetenschappers en rechters niet aan konden ontkomen.

Maar wie kent dan het hele verhaal? Niemand. Wetenschap bedrijven is nu eenmaal lastig. De wetenschap is net als de politiek altijd in beweging. Maar er zijn altijd wel betweters en helderzienden die hun manier van kokerzien als universeel holisme aanprijzen. Natuurlijk niet bij wetenschappers en onderzoeksjournalisten op dat vakgebied, want die doorzien hun spelletje wel, maar wel bij gewone leken. En dat kunnen ook heel geleerde mensen zijn op een ander minder belangwekkend vakgebied.

Hoewel de opvoedkundige waarde van Rudhyars astrologische betoog gering is, is het toch wel een vermakelijk verhaal, dat u stimuleert om dan maar eens zélf na te denken over de werkelijkheid. Hoe zit het hele verhaal dan wel in elkaar? Waarom lijkt de astrologie soms te werken, terwijl het bij nadere beschouwing nooit kan kloppen? Maar vanwege al die impliciete aannames van de astrologische manier van denken is ook niet gemakkelijk om Rudhyars droom, betoog of visie na te trekken. Intuïtieve gedachtensprongen die u niet kunt volgen, kunt u ook niet zomaar weerleggen. Misschien gaat wel om insider informatie. En dat geldt ook voor ingewikkelde astrologische berekeningen en de via intelligente algoritmen tot stand gebrachte duidingen van onze computers. Het kan wel eens waar zijn wat de sterren me nu vertellen, ook al zie ik het belang ervan nu nog niet in. Maar de valkuil van die in mist gehulde kwesties is dat u het er dan maar weer bij laat.

Laat de Venus of Mercurius in mij er nog maar een nachtje over slapen.

Genie komt tot u tijdens een droom. In hun dromen herhalen pianisten en turners hun vooraf ingestudeerde capriolen in de geest en worden in hun brein nieuwe wegen aangelegd. En die nieuwe verbindingen tussen hersencellen zorgen ervoor dat u dat u die oefening daarna in de automatische piloot kunt doen. Eenmaal aangeleerd vormen die probeersels de slimme algoritmen van uw brein. Maar maken ze uw brein ook slimmer? Dat is maar weer de vraag. Het is leuk dat u een of ander een of ander kunstje leerde. Maar is uw deskundigheid of piek-ervaring ook relevant voor anderen?

Vroeg opstaan om met wilskracht nog meer te oefenen bleek voor pianisten en turners minder effectief te zijn dan goed uit te slapen. Want aan het eind van die nacht treden de dromen vaker op. En tijdens uw droom lost uw slimme onbewuste allerlei problemen voor u op die u niet oplost als u te moe bent om er nog over na te denken. Eindeloos piekeren in de nacht heeft dus weinig zin, maar door u nog onbegrepen zaken tijdelijk met rust laten des te meer.

Maar als u helemaal niet meer oefent of kritisch nadenkt over onbegrepen zaken komt u ook niet verder. Door mentale luiheid wordt uitstel afstel en beïnvloeden anderen ongemerkt uw brein. Wanneer u reclameriedels en onbewezen kletspraat maar vaak genoeg aanhoort, zetten die zich als onbewust vooroordelen in uw brein vast. En dan blijkt dat slimme onbewuste toch weer niet zo slim te zijn. U koopt dan producten die niet nodig hebt en gelooft in kleuterverhalen die logisch gezien nooit waar kunnen zijn.

Dane Rudhyar verwierf met mooie praatjes applaus bij zijn volgers, zoals ook onbewezen uitspraken en symbolische gebaren van politici het goed doen. Diep in uw hart wist u het al. Dit ruimdenkend genie op zijn terrein - religie, voetbal, politiek - vat iets kort en bondig samen, een geheim dat gewone mensen nog niet kunnen bevatten. En dan voelt het aan alsof de apostel Paulus u persoonlijk toespreekt over de beloofde ontknoping van een groot mysterie (1 Korinthiërs 13:12):

Nu zien wij nog door een spiegel, in raadselen, doch straks van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik onvolkomen, maar dan zal ik ten volle kennen, zoals ik zelf gekend ben.

En spreek die diepzinnige woorden in een zaal vol aandachtige studenten maar eens tegen. Dan komt u als een onwillige dissonant over, een zwartkijker, die hun de waarheid niet wenst in te zien. En wordt u uit die gemeenschap gestoten. Dan moet u maar elders shoppen zoals de dolers uit Tolkiens Lord of the Ring. Maar voor fact checkers klinkt zo'n spiritueel verhaal als de zoveelste loze belofte van een Donald Trump, Vladimir Putin of Xi Jinping. Is dat geen wishful thinking? Waar is die speculatie op gebaseerd? Moeten we de uitkomst van dat mysterie maar geduldig afwachten zoals in het bekende lied van Michel van der Plas?

Stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw, de hemel en aarde.

Veel astrologen zien de astrologie als een manier om tot zelfkennis te kunnen komen. En dat lijkt mij inderdaad de belangrijkste functie van kabbala, astrologie en andere praktische vormen van metafysisch denken te zijn. Ze stimuleren u om op andere manieren naar uw plaats in de wereld te kijken en meer oog te hebben voor de raadselen van ons bestaan. En bovenal kunt u ermee experimenteren. En dat kon u als kind niet niet met het bekende opa is nu in de hemel verhaal. En als je maar braaf bent, kom je daar ook wel.

Een door opvoeding en traditie ingesleten geloof met achterhaalde waarden en normen raakt u na het actief bestuderen van alternatieve visies gemakkelijker kwijt. En zeker als het uw creativiteit stimuleert. Want het heeft weinig zin om in antieke zienswijzen te blijven geloven, als hun waarheid zich nog maar aan een paar stervelingen heeft geopenbaard. Als miljoenen gelovigen al twintig eeuwen op de Dag des Oordeels zitten te wachten, mogen de verwachtingen van hun apostelen best wel wat worden bijgesteld.

Maar aan de andere kant heeft het ook eeuwen geduurd voordat de slavernij werd afgeschaft en vrouwen kiesrecht kregen. Inmiddels zijn die vrijheden door subtielere vormen van onderdrukking vervangen. Wat dat betreft gebeurt er niet nieuws onder de zon. Maar wat al die kwesties met elkaar gemeen hebben is dat ze met al dan niet redelijke argumenten gepaard gingen die de moeite waard zijn om te bestuderen.

Kritische dialoog

> Top <

Het is lastig om u van dierbaar geloof te distantiëren, als uw voorgangers zich als wijzen aan het publiek presenteren, terwijl hun woordenspel in uw perceptie veel te snel ging en allerlei zaken werden genegeerd. Hoe controleert u dat verhaal? Bent u dan naïef en onwetend of zijn uw opvoeders en leraren dat? Is het meer een didactisch of communicatief probleem of spelen emoties of particuliere belangen een leidende rol? Feiten zijn feiten, maar hun definities en context kunnen voor iedereen enorm verschillen. En dat is vaak weer cultureel bepaald. Zo is voor Christenen de bijbel het Woord van God. En daar handelen ze met hart en ziel naar. Maar voor meer sceptisch ingestelde lieden zijn het maar heilig verklaarde woorden. Die denkt: Jaweh, Allah of Brahamn, het is allemaal een pot nat.

Als emoties of verholen belangen een rol bij meningsverschillen spelen, kunt u argumenteren totdat u er dood bij neer valt. Zo'n strijd valt rationeel nooit te beslechten. Dan is er een derde partij voor nodig, zoals een rechter of een mediator, om de verschillende belangen tegen elkaar af te wegen. Of een speciale operatie van een of andere tiran. Maar bij gebrek aan kennis van uw kant moet u zelf harder studeren. En als u daarin vastloopt, kunt u maar beter uw leraar op de door u ervaren inconsistenties in zijn betoog wijzen. U begrijpt zijn eenzijdige voorstelling van zaken niet meer.

Die de gevestigde normen en waarden bevragende attitude is onderdeel van iedere hogere Bildung, het proces dat u helpt om een meer volwassen mens te worden en voor uzelf te leren denken. Het helpt niet alleen u, maar ook uw leermeesters om scherper te zien en beter hun woorden te formuleren. Iedereen moet bereid zijn om te luisteren naar anderen die blijkbaar nog niet zo ver zijn als u. Want zonder bescheidenheid wordt u geen meester in uw vak. Zonder zo'n kritische dialoog met hoor en wederhoor maakt iedere leerling weer zijn eigen versie van een het oorspronkelijke verhaal, de vervorming die we zien als mensen elkaar klakkeloos verhalen doorvertellen. Bij het doorgeven van exacte maten en wiskundige formules zal dat minder snel gebeuren, maar bij het gebruik van ruim op te vatten woorden en symbolen ligt het gevaar van vervorming van de originele boodschap altijd op de loer. Om die reden zetten de ouden hun verhalen het liefst op rijm. Omdat fraaie en welluidende poëzie met metriek en rijm nu eenmaal gemakkelijker te onthouden is dan de door empirici gevonden paradoxale ongerijmdheden.

Maar we zien ook dat lokale machthebbers de geschiedenis herschrijven. Ze kiezen doorgaans die versie van het verhaal, die hen het beste uitkomt en doen daar vaak nog een schepje bovenop. Of ze relativeren een al te sterk verhaal om zelf als realistisch over te komen. Het is maar net waar de spirituele markt behoefte aan heeft. En daarom maken veel mensen een potje van het oorspronkelijke scheppingsverhaal dat de grote pottenbakker eens voor ogen had. En dat kunnen best wel sterke verhalen zijn als ze van gebrek aan openheid in mysterieschool of internet bubble profiteren. Achter gesloten deuren kijken buitenstanders niet meer mee, tenzij iemand opeens kwaad wordt, eruit stapt en gaat lekken. Maar die nestvervuilers mogen natuurlijk wel op sancties rekenen.

Als uw leraar u na een kritische vraag als een onoplettende domoor bestempelt, dan kunt u hem op de grote filosoof Socrates wijzen, die als enige wijze in Athene doorhad dat hij eigenlijk nog niet zoveel wist. En niet toevallig waren het de vrouwen uit zijn leven, van een profetes uit Delphi tot de meer profane Xantippe, die hem hier aldoor op hadden gewezen. Om die simpele reden kan een dialoog met de traditioneel minder bedeelden, zoals vrouwen, kinderen en slaven ook voor machthebbers nog wel eens van meerwaarde zijn. Want meestal moeten ze hun verheven inzichten nog wel wat bijstellen.

Argumenten die een nobel mannelijk publiek op de agora goed bevallen, kunnen in achterstandswijken of bij u thuis nog wel eens averechts uitwerken. Ik denk dan aan de niet door Plato gepubliceerde, echtelijke twisten van Socrates met zijn jonge vrouw Xantippe, die zijn eeuwige waarheden weer vanuit een geheel ander gezichtspunt bekeek. Ze beleefde het vanuit een in de Atheense mannenwereld ongehoord feministisch perspectief. En zo nu en dan gaf ze haar eega een verfrissende opkikker in zijn zoektocht naar het wonderbaarlijke, zoals we kunnen zien we in de leerzame ets hiernaast van Otto van Veen (1607) over hun huwelijksbootje. En Socrates kwam dan weer met zijn voeten op de aarde terecht.

De minder bedeelden hebben blijkbaar een heel andere kijk op de wereld dan de bevoorrechte heren en filosofen en dat maakt de samenwerking met hen een stuk lastiger. Moet een heer van stand ze negeren, uitroeien of anderszins monddood maken? Dat laatste klinkt misschien wat grof en onbeschaafd, maar zo kwamen de grote wereldreligies en beschavingen uiteindelijk wel tot stand.

De door Aristoteles in keiharde deductieve logica onderwezen Alexander de Grote was bepaald geen lieverdje voor andere beschavingen. Een door hem belegerde stadstaat kon kiezen tussen verwoesting of overgave. Wie niet meewerkte aan zijn Hellenistisch Plan werd gedood of tot slaaf gemaakt. En wie zich overgaf werd in het gunstigste geval een belastingbetalende onderdaan van degene die hem met geweld het nieuwe normaal opdrongen had.

En ook de verheven keizer Constantijn de Grote, die het Christendom in Europa vestigde door het tot staatsgodsdienst te maken, stelde zijn doop met opzet uit, zodat hij nog een tijdje door kon gaan met het vermoorden van zijn opponenten. Onder het motto van de jonge kerkvader Augustinus die tot God bad: “Geef me kuisheid en matigheid. Maar nu nog even niet”. Deze staatslieden hadden blijkbaar grote moeite met het tragische “Uw wil geschiede” van Socrates en Jezus, die zich geweldloos schikten in hun lot.

Wat is hier aan de hand? Hoe konden zulke despoten ons ooit beschaving bijbrengen? G'ds wegen zijn wonderbaarlijk leerde ik op school. Want over die ene zondaar die zich vlak voor zijn dood bekeerd, zullen de Hemelen juichen. Maar hun inkeer komt doorgaans te laat. En dat was wrang voor de vele slachtoffers van hun schrikbewind. Om dat goed te maken bedacht Plato een reïncarnatieleer en ook Constantijn beloofde bekeerlingen gratis bier in een hiernamaals.

Maar wie geeft nog om de details van nu niet meer te achterhalen historische feiten? Door de vervorming van die verhalen in de tijd zijn de oorspronkelijke feiten en omstandigheden niet meer te achterhalen. En bij de verkondiging van een goede boodschap heiligt het doel de middelen. Daarom zijn van alle boeken, de heilige boeken het minst betrouwbaar. Het publiek kent slechts de vlot leesbare eindversie ervan, maar niemand weet hoe het eens begon.

Christenen vertrouwen blindelings op de boeken van de twaalf apostelen uit hun Nieuwe Testament, die naar eigen zeggen nog bij Jezus zelf aan tafel hadden gezeten. Blijkbaar gaat het dan om informatie uit de eerste hand. Maar dat vissers en handwerkslieden in die tijd analfabeet waren, wordt u tijdens de catechisatieles niet verteld. Maar vrijwel zeker zijn die bijbelboeken geschreven door spookschrijvers, zoals zoveel boeken uit de Oudheid en Middeleeuwen.

En nog steeds stuiten burgers en journalisten op de censuur van mannetjesmakers en persvoorlichters, die hen op het verkeerde been willen zetten. Met die empirische dierenwereld van list en bedrog (voorstelling) hebben we steeds te maken. Dat was het probleem waar Plato al mee worstelde evenals zijn leerling Aristoteles. De opinies van verhalenvertellers (meningen) leiden dan weliswaar de blinden, maar zelfs hun valse geruchten (probeersels) voelen voor u vertrouwder aan dan eerlijk toegeven dat u het eigenlijk nog niet weet. En zeker als gaat om zaken als uw identiteit, geloof, hoop en liefde waarmee u zich identificeert.

Geschiedenis wordt zo een geschiedenis van verholen of evidente valsheid in geschrifte, het cyclisch vervormen van ideeën en gebeurtenissen, om zaken te verhullen of te verbeteren, zonder dat we nog kunnen uitgaan van de inhoudelijke juistheid ervan. En bij dat goedbedoelde veredelingsproces ontstaan regelmatig wonderverhalen over metafysische plofkippen en andere gedrochten waar iedere redelijke balans in ontbreekt.

Waarom zou u zo'n metafysisch plofkipverhaal eigenlijk nog willen lezen? Omdat er een enorme behoefte aan is. Sterke verhalen blijven bestaan zolang er een markt voor goedkope plofkippen is, zoals bij ook voor sterke drank en opiaten. En hoe groter de menselijke nood en onzekerheid is, des te sterker wordt onze behoefte om met een door anderen gedeeld geloof verzet te kunnen bieden tegen een onredelijk ogende werkelijkheid. En toch moet het anders zijn, zeggen we dan.

Lieve Mona en andere bronnen van kennis

> Top <

Het gevoel van “ik kan het niet meer volgen” overkwam mij als scheikundestudent tijdens de lessen kernfysica eind jaren zeventig, maar ook wel in de kerk of tijdens een politiek debat. Dat gaf mij een soort Kick inside zoals de zangeres Kate Bush (1957) haar spirituele wake-up call op jonge leeftijd verwoordde. Ik koos als lid van haar Verloren generatie (1956-1970) uiteindelijk voor een meer praktische studie en werd sociaal geneeskundige.

Ook wel: Generatie Nix of Generatie X. De verloren generatie kreeg te maken met massale jeugdwerkeloosheid en maakte vanwege het gevaar van soa's het einde van de seksuele vrijheid mee. Er werd geëxperimenteerd met verschillende samenlevingsvormen (niet meer direct vanuit het ouderlijk huis trouwen). Kwaliteit van het bestaan werd belangrijker, wat gevonden werd in de vorm van parttime werken, tweeverdienen of anderhalfverdienen. De levensstandaard steeg. Over het algemeen is deze generatie praktisch ingesteld, zelfredzaam, relativerend en is ze, hoewel opgevoed tot idealisme, door de maatschappelijke omstandigheden gestuurd richting een no-nonsensementaliteit.

In de sociale wetenschappen is de vraag óf en hóe vaak iets werkt, bijvoorbeeld het tonen van een glimlach of een complimentje, belangrijk dan de vraag hóe het precies werkt. En ook in de dagelijkse praktijk gaat het meer om de toepassing van praktische kennis, dan dat u weet wilt hebben van al die onderliggende biochemische en fysische processen. De oppervlakkige schijnwereld van de zichtbare fenomenen is al ingewikkeld genoeg. Laten de deskundigen in hun ivoren torens maar over de details van hun theoretische modellen twisten, voor leken is het nuchtere advies van een wijze vrouw als Lieve Mona al goed genoeg.

We staan er zelden bij stil, maar ieder gevonden feit wordt door meerdere definities bepaald en over die definities kunnen geleerden al eindeloos debatteren. En op het deeltjesniveau van de exacte natuurwetenschappen kan geen mens het hele plaatje nog overzien. Dan is een elementaire deeltje weer hier, dan weer daar en ondertussen verandert het soms nog van gedaante. Om al die moleculaire processen op ieder moment voor ieder individu in iedere cel na te pluizen is ook voor een legioen wetenschappers ondoenlijk. Daarom concentreren artsen zich liever op het globale plaatje als ze de concentratie van stoffen uw bloed nakijken. En dat reductionisme werkt in de empirische praktijk best goed. Artsen en psychologen kunnen er rake voorspellingen mee doen als ze de gevonden feiten slim met elkaar combineren.

Die empirische methode die met de wet van de grote getallen werkt, staat in schril contrast tot de werkwijze van charlatans die de betekenis van ieder detail uit uw horoscoop of van uw handlijnen voor u persoonlijk menen te weten. Ze kunnen er slechts over speculeren en hopen u dat u hun pseudowetenschappelijke kletsverhaal voor lief neemt. En dat gebeurt in de praktijk best wel vaak, zoals ook gedesillusioneerde kiezers voor de valse beloften van populistische politici ontvankelijk zijn:

Pseudowetenschap is de benaming voor een stelsel van opvattingen, uitspraken, of handelingen dat de toets van een wetenschappelijke methode niet doorstaat, maar waarvan aanhangers toch beweren of suggereren dat het om wetenschap gaat. Gepresenteerde resultaten van pseudowetenschap kunnen niet bevestigd worden. Het kan gaan om het imiteren van wetenschappelijke uiteenzettingen en verklaringen, zonder dat er onderzoek volgens wetenschappelijke protocollen (zoals dubbelblind onderzoek) aan vooraf is gegaan.

Wie de simulatie hiernaast (bron) bestudeerd van de banen van vijf deeltjes die botsen met 800 andere willekeurig bewegende deeltjes ziet hoe complex zo'n interactie in twee dimensies al is. Daarom vindt er in de empirische wetenschap altijd een reductie plaats. Natuurkundigen en sociologen onderzoeken liever de kenmerken van groepen deeltjes, dan de exacte handel en wandel van individuele deeltjes en personen. Ze meten dus liever de druk en de temperatuur van een gas, dan dat ze gedetailleerd ingaan op de individuele Brownse bewegingen van de triljoenen individuele moleculen die de druk en de temperatuur van dat gas bepalen. Want op ieder moment kan zo'n molecuul weer ergens anders zijn. U loopt dan aldoor achter de aldoor veranderlijke empirisch gevonden feiten in een orgaan, cel, organel, laat staan op biomoleculair niveau aan:

De brownse of browniaanse beweging is een natuurkundig verschijnsel, in 1827 beschreven door de Schotse botanicus Robert Brown bij onderzoek van stuifmeelkorrels in een vloeistof onder de microscoop. Hij merkte op dat de deeltjes, hoewel bestaande uit dode materie, een onregelmatige eigen beweging vertoonden en volgens een toevallig aandoend patroon in alle richtingen weg konden schieten. Wanneer deze aaneenschakeling van minuscule toevallige verplaatsingen lang genoeg duurt, verplaatst een dergelijk deeltje zich geleidelijk. Deze grillige beweging wordt ook wel een dronkemanswandeling (random walk) genoemd.

Maar kunt u met zo'n fundamenteel gebrek aan gedetailleerde kennis over uw hier en nu nog wel iets over een deel van de kosmos zeggen? Jazeker. In ieder geval wel over dat deel van de werkelijkheid dat u kunt overzien en waar u ervaring mee hebt opgedaan. U moet dan wel expliciet aangeven waarover u iets redelijkerwijs over kunt zeggen. Bijvoorbeeld dat u als weervoorspeller een uitspraak kan doen over het te verwachten gedrag van een wolkenfront in een bepaalde regio, maar geen uitspraken kunt doen over individuele druppels, laat staan over de afzonderlijke moleculen binnen die regendruppels. En dat voorbehoud is inmiddels zo vanzelfsprekend, dat geen weerman of -vrouw dat nog expliciet hoeft te vermelden. Maar in andere, bij het grote publiek minder bekende branches van wetenschap, zijn volgens de reclamecode commissie nog steeds disclaimers nodig. Bijvoorbeeld dat lenen geld kost en dat dividenden niet gegarandeerd zijn. Maar voor individuele geloofsovertuigingen geldt deze verplichting niet. Daar geldt de vrijheid van meningsuiting.

De stochastische uitspraak van een meteoroloog komt er in de praktijk op neer dat in een gebied met een 80 % kans op regen niet iedereen diezelfde dag nat wordt. Maar ook in een gebied met slechts 10 % kans op regen per week, zal op termijn iedere boom toch wel wat regen ontvangen. Daar kunt u empirisch gezien op rekenen. Maar waarom de ene boom veel langer dan een andere boom op regen moet wachten, dat kan geen meteoroloog u vertellen. Want empirische wetenschappers doen slechts aan kansberekening. Ze zeggen u slechts iets over de gemiddelde uitkomsten in een bepaalde tijdspanne. Maar niets over dat u voor u belangrijke flitsende moment. Want daar is zelden voldoende onderzoek naar gedaan. Maar als het gaat om de op de juiste moment afgeschoten militair ingezette bommen en granaten is veel kennis voorhanden. Want despoten en tirannen sponsorden met uw belastinggeld de door de wapenindustrie benodigde empirische kennis.

Vanwege die fundamentele onzekerheid op het individuele niveau, modderen wetenschappers maar wat aan via trial en error van simpel leren uit de praktijk tot experimenteel onderzoek in laboratoria. En dat proces verloopt met vallen en opstaan. In de biologische en culturele evoluties ging het ook al op die manier. Maar ondanks die levendige dynamiek ziet ieder levend wezen er vaak nog wel herkenbaar uit. Want als dat object uit zeer veel moleculen bestaat, zullen die gemiddeld gezien toch wel bij elkaar blijven staan. Pas na de dood overwint de entropie het en drijven de moleculen van levende wezens definitief uit elkaar. Om elders weer andere morfische patronen te vormen, zoals de willekeurig door elkaar geschudde ijzervezels in een magnetische veld:

In de fysica en de elektriciteitsleer is een magnetisch veld een veld dat de ruimte doordringt en dat een magnetische kracht op bewegende elektrische ladingen en magnetische dipolen uitoefent. Magnetische velden omgeven elektrische stromen, magnetische dipolen, en veranderende elektrische velden.

Hoe brengt de Kosmos orde en regelmaat in die ogenschijnlijke Chaos aan? Dat is de grote vraag van wetenschappers en filosofen. Biologen spreken van zeldzame adaptieve genetische mutaties, tegen een achtergrond van fysiologische homeostase. Sociologen hebben het over culturele revoluties en perioden van consolidatie, maar ook astrologen hebben daar hun ideeën over. Zo brengen astrologen uw gevoelsleven in verband met de snel wijzigende gedaanten en transits van de maan. Maar grote veranderingen in uw gevoelsleven beslaan doorgaans vele maanden. Uw eerste glimlach komt al na vier tot zes weken tot stand, ook al zijn uw ouders monsters. Dat is in de elfde (11/2) maand na de conceptie. Maar wat weet een zuigeling daarvan? En de daarvan afgeleide sociale glimlach negen (9) maanden na uw geboorte en achttien (18/9) maanden na uw conceptie werkt nog steeds in de sociale jungle van vandaag. Zeg maar vanuit uw conceptie gezien in uw elfde huis van vrienden of op de cusp van het zevende huis voor uw eerste sociale glimlach. Dat soort repeterende patronen hebben grote geesten als Pythagoras en Ptolemaeus aan het denken gezet. En de vele dwergen op de schouders van reuzen liften dan graag een eindje met hen mee.

Dat complimenten doorgaans werken, weten de meeste mensen wel. En ook astrologen hebben hier ervaring mee opgedaan. Maar er kunnen ook wetenschappelijke vragen over hechtingsgedrag gesteld worden. Dan moet u die vragen nader specificeren. Het gaat om onderzoeksvragen als: Wat bedoelen we in dit verband met “doorgaans wel”? Hoeveel complimentjes moet u daarvoor geven en voor hoe lang? Wanneer zeggen we eigenlijk dat “iets werkt” en hoe bepaalt u dat in een afzonderlijk geval? Hoe moet u het complimentje geven? Werkt een compliment voor Socrates ook bij Xantippe of heeft ieder mens weer zijn eigen voorkeuren? En zijn die verschillen groot of klein? Gaat het om de kwaliteit of de kwantiteit van complimenten? En hoe kunnen we die kwalitatieve en kwalitatieve aspecten eigenlijk meten? Want ook kwaliteit moet objectief meetbaar zijn.

Dat zijn de voor de hand liggende vragen, waar een Lieve Mona op basis van intuïtie en gezond verstand ook wel iets zinnigs over zeggen kan. De stelling dat een glimlach een positieve uitwerking heeft, zullen zowel astrologen als psychologen wel onderschrijven. Er zal hoogstens wat discussie kunnen ontstaan over de nader te onderzoeken details. Maar de regels, de belangrijkste uitzonderingen op die regels en wanneer ze optreden, dat kan nader empirisch onderzoek wel uitwijzen, waarbij astrologen naar andere factoren zullen willen kijken dan sociale wetenschappers en psychologen gewoon zijn te doen.

Voor astrologen zijn simpele empirische vragen te bedenken die de astrologische hoofdregels (aforismen) bevragen: Zijn rammen vaker agressief? Hebben leraren iets met 3e of 9e huis te maken? Dat soort onderzoeksvragen doen er toe. Zie ook: De sterren neigen, maar dwingen niet:

Astra inclinant, non necessitant schreef Thomas van Aquino: De sterren neigen, maar dwingen niet. Zet daar maar eens tegenover: Roken veroorzaakt longkanker, maar niet bij iedereen. Is er een wezenlijk verschil tussen die twee uitspraken? Op het eerste gezicht zien we dat niet. Beide uitspraken gaan immers over vermeende, maar niet altijd evidente empirische causale relaties.

Als astrologen en andere deskundigen niet teveel uit elkaar groeien, dan kunnen ze elkaars kennis verrijken. Alle vredelievende mensen hebben immers dezelfde realiteit met elkaar gemeen. Ze kunnen elkaars beweringen in principe daarom controleren. Een psycholoog die rekening houdt met de maanstanden, kan niet zomaar opzij geschoven worden door een astroloog, die beweert dat psychologen niets van astrologie afweten. En omgekeerd zal een klassiek geschoold medisch astroloog, toch ook wel iets van de biologie van mannen en vrouwen af moeten weten, voordat hij zijn kunstjes mag vertonen. Anders zwetst hij maar wat en krijgt hij een proces wegens oplichting aan de broek. Dat zijn de gevonden feiten.

We spreken dan van een empirische wetenschappelijke benadering, waar kennis gebaseerd is op met anderen gedeelde ervaring, waarneming en experiment. Die benadering staat in tegenstelling tot een formele wetenschap als de wiskunde of systeemtheorie, waar alles binnen dat systeem al uit axioma's beredeneerd kan worden. Maar dat betekent nog niet dat wiskunde en empirisme totaal verschillende takken van sport zijn. Zo kunt u natuurkundige wetten in wiskundige formules vastleggen, zoals in het beroemde e=mc^2 van Einstein. De kunst bestaat er uit die verschillende denkwijzen (deductie, inductie) slim met elkaar te combineren. En dat is een creatief proces met een open einde.

Bij een formele wetenschap als de wiskunde gaan de aanhangers uit van voor waar gehouden axioma's. Uit die postulaten worden weer andere stellingen afgeleid via deductie. Dat denken binnen een logisch systeem van grondregels en hun implicaties heeft een formele wetenschap gemeen met de dogmatiek van een geloof. Aan de principes van dat geloof (zeg: 1+1=2) wordt in principe niet getwijfeld. Maar de betekenis ervan voor de empirische praktijk zal vaak worden betwist. Omdat de praktijk veel weerbarstiger is dan iedere theorie doet vermoeden.

De empirische werkelijkheid van een simpele boerensloot is al niet meer in een paar axioma's wetmatig te vangen. In zo'n complex ecosysteem gaat het er heel anders aan toe. Daar zien we dynamische processen waar aldoor dieren en planten geboren, getogen, vergiftigd, vermalen of opgegeten worden, zodat u er met de eenvoudige rekenmodellen niet meer uit komt. Daar werkt alleen een voortdurende correctie en verfijning van uw rekenmodel via de empirische methode.

En wilt u toch aan dat oorspronkelijke beeld vasthouden, dan moet uw wel een heel rare bril opzetten om in het oude plaatje te kunnen blijven geloven. En dat doen wetenschappers soms ook, als ze via reductie van de gevonden werkelijkheid een op het eerste gezicht abstract en wereldvreemd theoretisch model de wereld van maken. Het model werkt dan als een soort filter dat er voor zorgt dat u ondanks een overvloed aan data toch nog bepaalde aspecten van de wereld helder kunt zien. En dat astrologen ook al jaren als ze complexe empirische werkelijkheid reduceren tot de interacties van wel tien planeten in en over de horoscoop van de geboorteling en de rest straal negeren. Dane Rudhyar zal u er straks nog alle over vertellen.

In de empirische wetenschappen zijn de theoretische wetten voorlopige postulaten: hypothesen over hoe de wereld in elkaar zit, die door nieuwe feiten zowel ondersteund als weerlegd kunnen worden. Als de empirische feiten iets anders aangeven dan door de theorie werd verwacht, dan gelden de oude empirische wetten niet meer. Dat maakt ze natuurlijk nog niet meteen waardeloos, maar het beperkt wel hun bereik. Als universeel geldige waarheid worden ze dan gedevalueerd tot beperkt geldende benaderingen van de werkelijkheid.

Zo zal een gemiddelde bedompte boerensloot uit de tijd van M.A. Koekkoek (1873-1944), in de moderne wereld van de biotechnologie met bemaling, pesticiden en verse stikstof uit voormalig regenwoud, er veel opgeruimder uitzien dan in M.A. Koekkoeks tijd. En dat geldt ook voor Koekkoeks levendige boerenakkers. Maar moeten we die Koekkoeks dan afdoen als waardeloze schilderijen? Nee, natuurlijk niet. Maar die geïdealiseerde plaatjes zijn nu wel verouderd.

En dat is volgens mij ook het probleem van de klassieke astrologie. Hoe gaat u daarmee om? Is het oude plaatje beter of essentiëler dan het nieuwe plaatje? Zo veel wezenlijker dat u niet meer naar de actueel gevonden feiten hoeft te kijken? En welk probleem lost u daarmee op?

De waarde van astrologische aforismen

> Top <

Volgens astrologen was de astrologie ooit eens een empirische wetenschap, waarin hypothetische verbanden onderzocht werden tussen de sterren in de hemel en gebeurtenissen op aarde. En het hielp in die tijd dat de sterren en planeten met mythologische goden geassocieerd werden. Zo kreeg iedere wandelende ster (planeet) de naam van een Griekse of Romeinse god en ontstond het beeld van een hemels pantheon dat de zaken op aarde bestierde. Zo boven, zo beneden werd een alom geaccepteerd astrologisch principe

De meest in het oog springende verbanden werden door astrologen als astrologische aforismen vastgelegd. Dat waren eens verifieerbare hypothesen, waarmee filosofen en astrologen uit de oudheid rekening hielden, omdat ze ervoor gewaarschuwd waren of er zelf ervaring mee hadden opgedaan. In die tijd werd nog rekening gehouden met bovennatuurlijke machten, want op het ontkennen daarvan stonden zware straffen als dood, marteling en verbanning. En of de oorsprong van dat geloof nu aards of hemels was, wetten met zware straffen dienen te worden gerespecteerd.

Maar er is veel tijd verstreken. In de moderne seculiere wereld gelden astrologische aforismen al lang niet meer als empirische wetten, laat staan als kosmische wetten. Daarmee doet u moderne astrologen beslist teveel eer aan. Voor veel leken gaat het vooral om een komisch weten, anderen vinden de astrologie ronduit belachelijk. Want u kunt tegenwoordig niets meer met astrologie voorspellen, behalve dan dat mensen die er nog wel in geloven zich ook eerder volgens sommige astrologische stereotypen zullen gedragen. Maar een relatie tussen de identificatie met een bepaalde leer, zeg maar dat een vrouw een hoofddoekje moet dragen, en bijbehorend gedrag zien we ook terug bij andere geloven. Dat komt neer op het leven naar een bepaalde moraal, waarvan er allerlei varianten bestaan.

Maar die beperkte voorspellende waarde maakt die verouderde opvattingen nog niet waardeloos, integendeel. In bundels aangeboden hebben astrologische aforismen nog steeds wel een economische waarde. En dat komt omdat ze u een schijnbaar coherent wereldbeeld presenteren. Zoals ook zo veel uit feit en fictie samengestelde zelfhulp- en groeiboeken dat doen. Het idee dat er een zinvolle orde zit in de chaos, daar hebben mensen grote behoefte aan. Om die reden hebben op mythen gebaseerde tradities als Kerst of Sinterklaas zowel een gunstige emotionele als een economische impact.

Astrologische boeken, lezingen en cursussen hebben een prijs omdat ze u iets beloven. Ze beloven u iets van een oud mythisch weten, dat een extra dimensie aan uw leven geven kan. En dat werkt een tijdje voor degenen die erin willen geloven. Net zoals u met een goed parfum en een net jasje aan toch wat optimistischer door het leven stapt. Na een tijdje dooft dat kunstmatige effect weer uit, maar dat maakt zo'n gewoonte niet minder verslavend. U koopt dan weer een ander astrologieboek, parfum of jasje. Intermitterende of partiële bekrachtiging werkt prima in Skinners doos.

Bij astrologische producten gaat het economisch gezien om van het antieke weten afgeleide derivaten die in een modern jasje op de markt zijn gezet. En daar kan iemand waarde aan hechten, net zoals de financiële markten waarde aan obligaties toekennen. De marktwaarde van een staatsobligatie is de prijs die de hoogste bieder betaalt voor de belofte van de staat om aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. En datzelfde principe geldt voor astrologische boeken en diensten. Want ook astrologen beloven u iets van waarde, waarmee u vroeg of laat iets zinnigs hoopt te kunnen doen.

Het spreekt vanzelf dat als die astrologische aforismen economisch renderen, hun toepassingen ook in de hedendaagse empirische praktijk terug te vinden moeten zijn. En dat is zeker het geval. Het door George Akerlof en Robert Shiller beschreven phishing for fools marktevenwicht zorgt er wel voor welke astrologische verhalen goed verkopen. En daarbij helpt niet alleen het charisma van de astroloog; het gaat vooral om de blijde boodschap.

Phishing for Phools explores the central role of manipulation and deception in fascinating detail in each of these areas and many more. It thereby explains a paradox: why, at a time when we are better off than ever before in history, all too many of us are leading lives of quiet desperation.

De paradox komt er op neer dat in een situatie van overvloed van goederen en informatie, mensen toch regelmatig de verkeerde keuzen blijven maken, waardoor hun mogelijkheden voor welvaart en welzijn onvoldoende worden benut. Want anderen sturen uw gedrag door u op uw zwakheden aan te spreken. Naast de bekende menselijke hoofdzonden als domheid, ijdelheid, hebzucht, lust en luiheid, spelen reclame en marketing hierbij een doorslaggevende rol. En zo komt het dat niet de dwerg op de schouders van reuzen profiteert van het voorwerk van die reuzen, maar dat een kortzichtige aap op uw schouder de zaken voor u bepaalt. En die dagelijkse zondeval gebeurt op schijnbaar onschuldige manieren. Ze zijn een structureel fenomeen op de vrije markt volgens Akerlof en Shiller.

Stel, u zit in de trein op weg naar uw werk en u krijgt de gratis Metro in de hand geschoven. Het is slechts een vrij dunne krant met summiere nieuwsberichten. U mist de overzichtsartikelen die de kwaliteitskranten u bieden, maar dat geeft niet. Want deze krant heeft wel oog voor uw behoeften. Een deel ervan gaat over oppervlakkige wereldse zaken die maar weinig mensen zullen interesseren, maar op de een na de laatste pagina staat de horoscooprubriek van Mieke van Kooten. En daar staat iets dat echt voor u persoonlijk op maat geschreven is. Of in ieder geval voor de sterrenbeelden van u en bekende anderen. En u kreeg het gratis en voor niets. Daar kunt u vast wel iets van opsteken. U leest ze allemaal maar eens door.

Maagd 23/8-22/9 kreeg op maandag 3 februari 2020 deze wijze levensles:

Jij maakt je zorgen omdat alles anders loopt dan anders. Je bent dat niet gewend, maar het wil niet zeggen dat deze manier verkeerd is. Sta open, je kunt veel leren van deze veranderingen.

Maagds tegenpool Vissen 20/2-20/3 kreeg een opbeurend verhaal:

Je kunt de situatie heel realistisch inschatten. Daardoor kun je ook de moed en het geduld opbrengen door te zetten, terwijl iemand anders al was afgehaakt. Heel goed gedaan.

U komt daarna in de goede stemming en bestudeert vol goede voornemens de laatste pagina met een hemelsblauwe advertentie van Albert Heijn.

U kunt al die uitspraken bestuderen en het blijken allemaal vriendelijke, positief denkende boodschappen te zijn. Ze strelen en versterken uw ego of sterrenbeeld op een prettige, bijna empathische manier. Ik spreek van bijna empathisch, omdat de schrijfster van die teksten u natuurlijk niet persoonlijk kent. Ze kent zelfs uw horoscoop niet. Maar het voelt aan als een verborgen connectie. En soms treft ze een gevoelige snaar in u. En dat lijkt me omdat ze aldoor de stijl hanteert die ook goede psychologen gebruiken.

Is daar kennis van astrologie voor nodig? Nee, niet echt. Maar de astrologische marketing dat deze blijde boodschap exclusief voor u geschreven is, maakt haar wel aanlokkelijk. En dat geldt ook voor de daaropvolgende advertentie van Albert Heijn. Want toeval bestaat nu eenmaal niet in de gratis wereld van list en bedrog.

In het als een retorische vraag gebrachte artikel Is astrologie een nieuwe vorm van zelfontwikkeling? (17 april 2019) lezen we waarom Metro's horoscooprubriek zo populair is. Het blijkbaar afdoende antwoord volgt meteen. Metro lezers willen meer over zichzelf leren. Maar of het op die dag ook zo in uw sterren geschreven stond, is ook voor astrologen maar weer een vraag. Hoe kunnen we dat ooit weten? Behalve dan dat we er vandaag maar eventjes in geloven? En morgen is er weer een nieuwe dag, met wie weet, betere voorspellingen. En anders overmorgen wel, want je weet maar nooit.

Sinds jaar en dag is Metro's horoscoop de best gelezen rubriek van de krant. Waar astrologie vroeger nog wel eens werd weggezet als 'iets vaags' lijkt het de laatste jaren steeds populairder te worden. Het wordt vooral ingezet voor persoonlijke ontwikkeling. We willen blijkbaar steeds meer over onszelf te weten komen en zoeken daarbij de antwoorden die in de sterren staan geschreven. ”Er is steeds meer behoefte aan astrologie omdat mensen bewust van zichzelf worden,” zegt Metro's astrologe Mieke van Kooten.
Spirituele mens wil meer over zichzelf leren
Al zeventien jaar is astrologe Van Kooten verantwoordelijk voor de horoscopen in Metro. Ze legt uit dat je aan de hand van je geboortedatum, tijdstip en plaats kunt zien wat er gaat gebeuren. ”We zijn allemaal heel benieuwd naar wat er staat te gebeuren, maar zoeken de verklaring van de gebeurtenissen nooit in de astrologie”, vertelt ze. En dat is volgens Mieke onterecht, want zij stelt dat het toeval niet bestaat en dat heel veel dingen daadwerkelijk in de sterren staan. ”Je kunt er medische gegevens uithalen en veel over jezelf te weten komen, over je sterke en minder sterk kanten.” Volgens Van Kooten is astrologie een mooie manier van persoonlijke ontwikkeling reflectie. ”Mensen willen steeds meer over zichzelf leren”.

Mieke van Kooten stelt dat toeval niet bestaat en dat veel zaken in de sterren staan geschreven. We mogen aannemen dat die uitspraak voor haar betekent dat haar kennis van de astrologische stand van zaken relevant is voor de uitspraken die ze in haar horoscooprubriek doet. En ook al beperkte Mieke van Kooten zich slechts tot de twaalf zonnetekens en misschien enkele langzame planeten, als haar beschrijvingen voor Metro lezers vaak genoeg kloppen, stellen astrologen en hun cliënten vast dat astrologie voor hen werkt.

Maar is dat ook zo? Wat betekent werken? Zou de waardering voor haar rubriek dramatisch dalen als we de voorspellingen voor de verschillende dierenriemtekens willekeurig zouden verwisselen? Wie zou zich daarover beklagen? De met astrologie bekenden of iedereen? En zouden astrologen dat simpele experiment wel willen uitvoeren? Waarschijnlijk niet. Astrologen zijn het over weinig eens, maar de dagelijkse horoscopen in de krant staan bij hen in kwaad daglicht, omdat ze slechts rekening houden met enkele astrologische factoren, als ze dat al doen. Astrologen zouden hen onwelgevallige resultaten meteen aanvechten. Of anders maakt een ethische commissie wel bezwaar tegen de potentieel kwalijke gevolgen van ongewenste experimenten met onschuldige Metro lezers. Misschien vallen ze wel van hun astrologische geloof of doen ze ineens voor hun zonneteken riskante dingen.

Vanwege het ontbreken van enige motivatie van astrologen om mee te doen aan simpele astrologische experimenten zullen we het nooit weten. Zolang hun astrologische imperium werkt, loopt het actuele rendement niet achter op het historisch rendement, zoals met de staatsobligaties van een failed state of de aandelen in een piramidespel eens zal gebeuren. In het ergste geval moet een curator een door aasgieren leeggeplukt karkas verdelen. Maar geldt dat ook voor de astrologie? Nee. En wel vanwege de ongrijpbare juridische status en stevige marktpositie van de astrologie. Hoe zit die markt dan in elkaar?

De firma Astrologie en zonen bestaat niet en kan dus ook niet failliet gaan. Het gaat namelijk om een veelvoud van astrologen, vennootschappen, theorieën, methoden en implicaties, zodat op ieder potje wel een dekseltje past. En als een toonaangevend astroloog of astrologieprogramma een misser maakt, dan zijn er altijd wel weer andere astrologen die hem kunnen corrigeren. Die springen in dat gat op de markt. En vaak ziet die astroloog zijn fout dan snel in en maakt een aangepaste versie van zijn lappendekentheorie. En dan klopt het astrologische plaatje weer als vanouds.

U kunt een astroloog dus niet zomaar ergens op vast pinnen, want het astrologisch weten is diep, divers en wendbaar. Het individuele leven is immers ook een diep mysterie, zoals ook de grillige gedragingen van de Griekse goden dat waren. En daarom zijn er vele astrologische scholen en stromingen, maar nog geen enkel gedetailleerd en verifieerbaar basisboek waar iedere astroloog achter kan staan. Over de technische details van de horoscoop in het licht van de astronomische efemeriden bestaat wel overeenstemming, maar over de zichtbare en meetbare implicaties van al die sterrenstanden nog niet. En daarom laat De astrologie zich ook niet beproeven. Ze verkiest ervoor om net als God onzichtbaar te blijven in een nog niet aan u geopenbaarde nieuwe wereld.

Markttechnisch gezien doen astrologen dus goed aan marktdifferentiatie en weten ze net als pensioenfondsen en maffiabazen hun risico's over meerdere partijen te verspreiden. Als hemelse belofte voor de toekomst gaat de astrologie dus nooit failliet. Ze verliest hoogstens wat aan marktwaarde in minder goede tijden. Maar na een dip er is altijd wel een astroloog te vinden die het product wat aanpast, of met bevindingen aan komt draven waar alle astrologen zich ineens massaal achter kunnen scharen. En dan schiet de prijs van die vorm van astrologie weer omhoog. En daarna zal de waarde wel weer dalen. Want zo zitten de wetten van vraag en aanbod nu eenmaal in elkaar.

De prijs van een uniek astrologisch consult of een duur parfum wordt bepaalt door wat de cliënt er in die niche markt voor over heeft. De marktwaarde van de astrologie wordt dus niet bepaald door degenen die niét in dat product geloven. Die lieden kunnen gewoon worden genegeerd. Betweterige sceptici zijn geen doelgroep voor een astrologische marktcampagne. Ze zijn ook niet welkom op astrologische fora en markten, waar ze snel ontmaskerd worden als trollen. Maar de vele twijfelaars, die na hun eerste of zoveelste astrologische duiding zeggen: “Het zou best wel eens waar kunnen zijn. Ik zie daar wel wat in” zullen wel een goede doelgroep zijn.

Hoe slaat u hen aan de haak? Maak hen duidelijk dat uw expertise datgene is wat ze nodig hebben. U zit in de put, maar u komt er toch wel weer uit. Na tegenslag volgt voorspoed en omgekeerd. En wij astrologen hebben daar ook veel verstand van. Lees het maar na in onze boeken. Bestudeer onze astronomische efemeriden. Het circulaire karakter van het leven op aarde is daarin helemaal terug te vinden. Het klopt helemaal!


Maar ook al verwierven de heilige boeken van grote zieners uit de Oudheid ooit een Triple A rating, dan hoeft dat nog niet te gelden voor de tovenaarsleerlingen op de huidige markt. Want tegenwoordig gaat om een van horen zeggen wijsheid met een nog onbepaalde kans op slagen. Hoop op zegen is er natuurlijk altijd wel met de eeuwige waarheid in pacht, maar de juistheid daarvan in de praktijk te bewijzen is heel andere koek. En zeker omdat de spelregels van weleer inmiddels radicaal veranderd zijn. Zo telt reputatie niet meer als doorslaggevend in de huidige wetenschapsfilosofie. Wie stelt die bewijst, geldt tegenwoordig als maatstaf in recht en wetenschap. En dat juridische bewijs mag ook van vrouwen, kinderen of slaven afkomstig zijn. De gevonden feiten tellen voor de rechter en niet langer de reputatie van de verteller.

Maar wat hebben de ouden ons aan jurisprudentie achtergelaten? We zien in astrologieboeken uitvoerig gespeculeer over hoe het zou moeten zijn, maar geen enkel goed gedocumenteerd empirisch bewijs. En we missen vooral een boven iedere discussie verheven astrologische grondwet, een op schrift gesteld basisboek dat de grondslag van de astrologische wereld zou moeten zijn. Astrologen maken weliswaar handig gebruik van allerlei mythen en sagen, waar soms een kern van waarheid in zit, maar een astrologisch canon van heilige boeken ik nog niet tegengekomen. Wat dat betreft blijft de astrologie toch vooral een ketters geloof dat tegen het conventionele denken rebelleert. En in die niche markt zien we relatief veel bohemiens:

Een bohemien refereert aan de praktijk van een onconventionele levensstijl, vaak in het gezelschap van gelijkgestemde mensen en met weinig permanente banden.

En grappig genoeg - of het nu komisch of kosmisch is bedoeld - zagen we onder astrologen significant vaker een Zon in Waterman. U leest er meer over in The astrological profile of 1867 ADB astrologers:

The highest found value for Sun in Aquarius (184) falls outside the range of in 95 % of cases expected values when taking a random sample from the ADB. As P(X >183) is 1,35 % and thus smaller than 2,5 %. We found 184 (9,9 %) of them against 1867/12 = 155,6 (8,33 %) predicted, having an effect size of 1,18.

Een mannetjesmaker die door astrologen ingehuurd was zou van dergelijke statistieken smullen. Die ruimdenkende groep is blijkbaar onder astrologen in de meerderheid. En als er uiteindelijk maar een paar kandidaten overblijven, zeg een ram, een boogschutter en een waterman, omdat negen kandidaten vanwege de hoge kiesdrempel uitgeschakeld werden, winnen de watermannen de verkiezingen. Ook al koos een ruime meerderheid van de bevolking voor een andere partij. Want zo werkt de slimme verdeel en heers politiek al vele eeuwen.

Maar als bij nader onderzoek de astrologische voorstellingen van zaken niet meer kloppen, zoals bij het bedrieglijke plaatje van Koekkoeks boerensloot, dan moeten die aforismen toch wel in waarde worden gedevalueerd. En dat geldt al helemaal voor bundels aforismen, zoals u die aantreft in de populaire astrologie boeken. Ze bevatten zelden nog een kern van waarheid. Geen wonder dat astrologen daar hun hand niet meer voor in het vuur willen steken. Want als het ene na het andere aforisme al niet klopt, dan is het hele pakket ook niet veel meer waard dan oud papier. En dan heeft de astrologie als wetenschap toch wel een groot probleem. Hoe gaan astrologen met die blijkbaar verkeerde stand van zaken of hun sterren om? Daar komen we later nog op terug.

Reputatie-exploitatie in de kredietcrisis van 2008

> Top <

Maar eerst presenteer ik u een leerzaam voorbeeld over het samenspel van de elementen vuur, aarde, water en lucht uit de recente economische praktijk: De kredietcrisis van 2008. We kunnen dit zien als een metafoor van de astrologische praktijk, met al zijn paradoxen. Eerst werkte iets goed, maar later toch niet meer. Rara, hoe kan dat? Hoe ging dat in zijn werk? En wat kunnen we daarvan leren? Ik bespreek met dat doel voor ogen een passage uit het leerzame boek van de Nobelprijs winnaars Georg Akerlof en Robert Shiller: De economie van list en bedrog: Hoe de vrije markt ons voor de gek houdt.

Aanvankelijk werden hypotheken door lokale bankiers verstrekt, die weet hadden van de lokale omstandigheden. Ze kenden het huis, de koper, de verkoper, de markt en de lokale economische situatie. En met al die deskundigheid in huis kreeg het hoofdkantoor van die hypotheekverstrekker een Triple A rating. Want evenals de boeren en bankiers van de voormalige Boerenleenbank (Rabobank) wisten ze precies wat ze met hun geld deden. Ze werkten met hun eigen geld en hielden streng toezicht op alles wat met hun uitgeleende geld gebeurde. En als iets met hun investeringen mis dreigde te gaan, grepen ze tijdig in door orde op zaken te stellen om zo hun verliezen te beperken.

De problemen begonnen toen gebundelde hypotheken van Triple A geldverstrekkers ook als Triple A financiële producten op de vrije markt werden gezet. Hierdoor werd het mogelijk om hypotheken met iedereen op de wereld te verhandelen. Maar degenen die deze hypotheekderivaten opkochten, hadden slechts van horen zeggen kennis en vertrouwden het Triple A etiket, zonder concreet weet te hebben waar ze nu eigenlijk in investeerden.

In tegenstelling tot de lokale bankiers hadden de bezitters van hypotheekderivaten geen enkele binding met de lokale realiteit. Ze gingen slechts af op de stijgende koersen van die financiële producten. De fondsen bleven in waarde stijgen zolang de huizenprijzen stegen. En die stegen omdat in onzekere tijden iedereen het liefst in vastgoed en veilige Triple A producten wilde investeren. Door de toegenomen vraag naar beleggingen in vastgoed kwam er veel kapitaal vrij voor nieuwbouwprojecten. De zaken van hypotheekverstrekkers verliepen zo goed, dat er met het vrijgekomen kapitaal ook kantoren gebouwd konden worden in gebieden met leegstand. Een lokale bankier zou daar nooit in investeren, maar op de phishing for fools markt werden ze aangeboden als solide hypotheken in uitstekend belegd (Triple A) Amerikaans vastgoed.

De windhandel in hypotheekderivaten verliep goed omdat de huizenprijzen stegen. En de prijzen stegen omdat er met de verkoop van huizen - zelfs met handel van onafgebouwde huizen - op korte termijn winst werd geboekt. We zien hier een cirkelredenering ontstaan, die door fact checking zou kunnen worden doorbroken. Maar daar hadden de hoofdrolspelers in dit economische drama geen enkele behoefte aan. Hypotheek verstrekkers, project ontwikkelaars, makelaars, huizenverkopers en speculanten, ze hadden belang bij hogere huizenprijzen. Ze riepen dus Halleluja bij ieder gebeurtenis die dat belang ondersteunde, maar sloten hun ogen voor meer verontrustende details, zoals de vele lege kantoorpanden die nooit renderend konden zijn. Banken en investeerders leenden dus steeds meer hypotheekgelden uit, zonder dat daar een toename van renderend vastgoed tegenover stond. Toen die financiële windhandel uiteindelijk aan het licht kwam, kelderden de huizenprijzen en stortten de financiële markten massaal in.

De direct gedupeerden van de kredietcrisis waren het slachtoffer van reputatie-exploitatie geworden. Ze geloofden in de verhalen van kortzichtige dwergen op de schouders van voormalige financiële reuzen, die inmiddels ook geen idee meer van de lokale omstandigheden hadden. De meest luidruchtigste betweterige dwergen boekten met geleend geld enorme woekerwinsten, maar de vele slachtoffers die op het verkeerde moment in of uit de sinuscurve stapten verloren huis en haard.

De winnaars van dat piramidespel wilden de financiële kosten van hun zwendel niet vergoeden. Ze hadden genoeg geld gespaard voor dure advocaten die er weer een mooi verhaal van konden maakten: vrije markt, recht op bezit, eigen mening en zo. Dat de financiële adviseurs met opzet vals hadden gespeeld kon niet worden aangetoond. Want ze waren ook maar slachtoffers van een door hen als profijtelijk bevonden cultuur.

Maar op advies van hun belastingadviseurs en advocaten spendeerden ze voor de zekerheid wel wat geld aan goede doelen, om zowel hun reputatie op te vijzelen als ook om minder belasting te hoeven betalen. Want zo werkt de corrupte moraal in een kapitalistisch verdeel en heers systeem. Ook al berooft u bewust of onbedoeld uw tegenstanders van huis en haard, schenk wel gul aan uw vrienden. En investeer uw kapitaal vooral in particulieren en overheden die u gemakkelijk met uw goed bedoelde verhalen kunt misleiden of om kunt kopen.

U begrijpt dat de grootse verliezers van dit drama de gewone burgers waren. De inkomstenbelastingbetalers incasseerden niet alleen een waardevermindering van hun huis en pensioen, maar moesten ook nog eens bijdragen aan de geldinjecties waarmee de overheid het dreigende faillissement van belangrijke financiële instellingen wilde voorkomen. Zonder die staatssteun zou het hele financiële systeem in duigen vallen. En daar had niemand - behalve de sloebers die niets te verliezen hadden - enige baat bij. Maar kapitaalkrachtige bedrijven en miljardairs werden ontzien om te voorkomen dat ze massaal het land uit zouden vluchten.

Wat is de les uit dit verhaal? Wall Street is geen Hollywood. Bomen groeien niet tot in de hemel, tenzij u in sprookjes gelooft. En dat geldt ook voor astrologische verhalen. Ik gun iedere Assepoester een lang en gelukkig leven met de beste prins op op aarde. Maar of die uitkomst voor iedereen realistisch is, lijkt me onwaarschijnlijk. U moet toch weer teruggaan naar de bron. En dat is het lastige verhaal van ken uzelf en heb uw naasten lief. Maar dat universele verhaal heeft geen Triple A rating. Zie ook: The shape of stories, waarin de auteur Kurt Vonnegut zijn lezers op een humoristische wijze uitlegt welke verhalen (romans) goed verkopen en welke niet.

En wat heeft dit alles met astrologie te maken? Dat het geen kwaad kan om astrologische verhalen ook eens inhoudelijk te toetsen. Want dat een windhandel in eeuwige waarheden goed verkoopt, betekent nog niet dat dat stempel eeuwig geldig is. Zoiets zagen we al met Koekkoeks boerensloot en dat geldt ook voor antiek denken en oude politiek. U moet daarom wel zo nu en dan uw ogen voor de werkelijk gevonden feiten willen openen. Want anders leeft u slechts in een door u goed genoeg bevonden illusie, waar uw buren en kinderen niet zoveel aan hebben. Het was slechts úw verhaal.

De meetbaarheid van veronderstelde astrologische effecten

> Top <

We kunnen de astrologische reuzen uit het verleden niet meer over hun bevindingen bevragen. We kunnen slechts verifieerbare uitspraken doen over ons astrologische hier en nu. Alleen uit actueel onderzoek kan blijken of de uitgangspunten van de reuzen uit het verleden nog een toekomst hebben. Want als ze niet meer geldig zijn, dan moeten ze door betere regels vervangen worden. En dat is wat normale wetenschappers doen als ze de werkelijkheid onderzoeken, hierover publiceren en elkaars informatie vergelijken. Een met anderen gedeeld weten brengt ons dichter bij onze gemeenschappelijke werkelijkheid. Maar werkt het in astrologische praktijk ook zo?

Nee, want zodra het gaat over de meetbaarheid van die veronderstelde astrologische effecten, doen vrijwel alle astrologen ongelooflijk moeilijk. Zoals de Amerikaanse president Donald Trump in de weerstand schoot, toen hem gevraagd werd zijn belastingaangifte te openbaren. Ineens was het landsbelang in gevaar na een simpel verzoek tot openheid en transparantie, waar tot dan nu toe alle presidenten aan hadden voldaan. Waar ging het om? Trump had gepocht dat hij een succesvolle multimiljardair was, maar volgens onderzoeksjournalisten zou hij maar 200 miljoen dollar bezitten. En als er meer feiten boven water zouden komen, dan zou dat degenen die hem van belastingontduiking en fraude beschuldigden wel eens goed uit kunnen komen.

Blijkbaar stuiten we dan op discrepanties die niet ingewijden niet begrijpen en ook niet hadden mogen inzien. Zoals recentelijk gebeurde toen de geheime notities van minister Kajsa Ollongren naar buiten kwamen: Pieter Omtzigt, functie elders? Wat betekent dat in het politieke jargon? Moest Pieter Omtzigt weggepromoveerd worden naar een functie in Verweggistan? Of moest hij na een omlegging ten hemel stijgen, zodat niemand op aarde nog last van zijn kritische visie had? Eenmaal in de hemel aangekomen zou hij net als de hemelgoden gediskwalificeerd worden tot een irrelevante stuurman aan wal. Dat was de listige truc van Putin om met de naar het Westen gevluchte oppositie om te gaan als kwaadspreken, vergiftiging, kogels of ongevraagde hulp bij zelfmoord niet werkten.

Met dergelijke niet voor de buitenwereld bestemde nieuwsfeiten dreigt het misverstand van valse geruchten over nog meer lijken in de kast, waar uw op macht beluste vijanden ongetwijfeld gretig misbuik van zullen maken. Zoiets moet u beslist verhoeden. Probeer in zo'n heikele situatie maar eens eerlijk en transparant te zijn. De praktisch ingestelde Donald Trump benut dan een team van gehaaide advocaten die via omkoping, intimidatie en manipulatie weer een andere draai aan zijn verhaal mogen geven. En ook al overtuigden ze de aanklagers niet, veel aanhangers bleven Trump wel trouw. Omdat het nu eenmaal moeilijk is om van een schijnbaar boven de wet verheven goeroe afscheid te nemen. En al helemaal niet als u zich met zijn fantastische Make America Great Again (MAGA) verhaal identificeert.

Maar ook astrologen kunnen door onvoorziene omstandigheden wel eens in de problemen raken. Als expert op uw vakgebied is het al lastig om de niet altijd zo helder geformuleerde regels van de ouden in uw astrologische praktijk correct toe te passen. Evenals politici stuiten astrologen steeds weer op nieuwe situaties, die toch weer een uitzondering op de regel blijken te zijn. En dan blijken de gebruikelijke procedures niet meer te werken. Hoe gaan astrologen met de wisselvalligheden van het lot om? Moeten ze tijdelijk onderduiken in de hoop die transit over uw zwakke plek snel over zal gaan? Want ook de idealen van uw opponenten zullen van tijdelijke aard zijn. Of zou u uw uitgangspunten wat moeten herzien? En hoe zou u die nieuwe politiek presenteren?

Als het echt niet anders kan passen astrologen hun wetteksten (aforismen) wat aan. Met wat extra vaagheid , wijze nuances of een extra disclaimer is het astrologische evenwicht voorlopig weer hersteld. En daarna is het weer business as usual. En anders kan een extra hypothetische planeet of pas ontdekte planetoïde nog wel voor een astrologische oplossing zorgen. Ineens zien we het hele plaatje in een ander perspectief. En bewijs maar eens het tegendeel, zolang onze verkoopcijfers blijven stijgen. Als zoveel mensen nog steeds in onze producten geloven, dan moet daar wel een kern van waarheid in zitten. En mocht u daar als rechtgeaard astroloog soms wel eens aan twijfelen, uw trouwe klanten laat u toch niet liever in de steek.

Maar zo'n door afgedwongen beleidswijziging vraagt natuurlijk wel om een redelijk ogend motief. Hoe gaat u met de gevonden feiten om? Als uw eigen aannames niet meer kloppen met de empirisch gevonden feiten, moet u natuurlijk voor nog meer diepgang en kwaliteit op maat gaan. Empiristen kiezen dan voor een grootschalig onderzoek met nog meer differentiatie. Maar slimme politici en zakenlieden weten dat het niet zozeer om de gevonden feiten gaat, maar om wat de markten van hen vragen. En zo beloven ze de ene partij het ene en een andere doelgroep weer wat anders. En als een voor hen belangrijke marktpartij wat anders wil, passen ze het geleverde product desgewenst wat aan. Zo ook de belastingdienst, die anders omgaat met miljarden verdienende multinationals dan met gewone burgers. Het hoofdprobleem laten ze liever buiten beschouwing. Structurele problemen als armoede en discriminatie vallen in het niet bij het recht op bezit en vrij verkeer van kapitaal.

De door door list en bedrog verstoorde markt vertelt ons ook de gemiddelde burger in een bepaalde streek in het leven zal staan. Een door Putins staatspropaganda geïnformeerde Rus, zal het weer anders zien dan een Amerikaanse CNN of Fox News beschouwer. Want ze werden op verschillende wijzen nieuws voorzien. En daarom zullen hun standpunten verschillen. Niet alleen over de gevonden feiten, maar ook over de betekenis ervan worden mensen anders geïnformeerd. Moeten we ons daarmee tevreden stellen? Bestaat er ook een hogere waarheid? Daarom kan het wel eens slim zijn om de zienswijzen van allerlei burgers op een hoger niveau te bestuderen en met elkaar te vergelijken. Wat hebben ze met elkaar gemeen? Waar doen ze het eigenlijk voor? En op grond van welke informatie nemen ze beslissingen? Als u dát bestudeert, leert u over het wisselende gedrag van groepen mensen. Dat is wat psychologen, economen en sociologen proberen te doen. En ook natuurkundigen en biologen bestuderen de wereld op die empirische manier.

Maar gelovigen in bijzondere waarheden kunnen niet op die manier te werk gaan. Ze lopen dan altijd weer tegen de wet van de grote getallen aan, die ze juist wilden ontwijken. Ze kiezen er daarom vaker voor om zich terug te trekken onder gelijkgezinden. Ze bestoken anderen met alternatieve feiten en wijzen op tekortkomingen van hun opponenten, terwijl hun vrienden juist zo aardig bleken te zijn. Dat kan toch geen toeval meer zijn? En in die retoriek van een miskend genie zal zijn achterban zich wel herkennen.

Maar zijn dat geen klassieke drogredenen? Leidt dat gedoe niet van de omstreden kwesties af? Inderdaad, dat is het geval. Maar drogredenen en misleiding werken prima als u via beeldvorming invloed op de rechtsgang hebt. Politici en managers passen die trucs al jaren met veel succes toe om hun doelen te bereiken. En als niemand er zich mee bemoeit en u in alle rust ieder detail van uw verhaal met uw juridische vrienden uit kunt werken, dan lijkt uw versie van de waarheid goed aan te slaan. En zo komen ook evident falende politici met list en bedrog toch weer aan de bak.

Maar hoe zit het de hedendaagse astrologen? Wat bedoelen astrologen eigenlijk als ze zeggen dat astrologie voor hen werkt? Wat verstaan ze onder kwaliteit en wat onder kwantiteit? Welke informatie is relevant voor hun particuliere visie op het individu, de samenleving of groepen daarvan? En hoe verschilt hun unieke positie van andere wetenschappelijke disciplines? Hoeveel ervaring moeten astrologiestudenten opdoen voordat ze de horoscoop van Donald Trump kunnen begrijpen? En waarom kunnen astrologen hun visionaire inzichten niet zo eenvoudig met anderen delen? Wat telt voor hen? Waar gaat het volgens astrologen eigenlijk om?

Over dergelijke mysteries laten we straks de beroemde astroloog Dane Rudhyar aan het woord, die ons uitlegt wat zijn bezwaren tegen de statistische methoden zijn. Rudhyar zal ons ook vertellen hoe het astrologisch onderzoek nog veel beter kan. Maar ik lever u liever ook meteen al mijn commentaar op zijn wat al te boude stellingen, om u op de vele lacunes en inconsequenties van zijn astrologische denken in mogelijkheden te wijzen. Want anders trapt u gemakkelijk in zijn voor ieder ego op maat gesneden verhaal. Want als u te snel door zo'n tekst heen gaat, vallen zijn vele sofistische wendingen u waarschijnlijk niet op. Maar toch staat zijn betoog vol klassieke drogredenen, die u zonder kritische leeswijzer niet meteen herkent.

En op die manier werken ook vele gewiekste reclamejongens, mannetjesmakers en politieke woordvoerders. Daarom is het wel goed om bij die argumentatie stil te staan en is dit artikel over drogredenen ook voor niet astrologen van belang:

Een drogreden (syn. schijnreden, sofisme) is een reden of redenering die niet klopt, maar wel aannemelijk lijkt. Drogredenen worden vaak in discussies gebruikt, maar ook wel in andere situaties.

Wat me vooral teleurstelde waren de vele belangwekkende feiten die Rudhyar niét de moeite waard vond om te vermelden. Onder het mom van holistisch denken vertelde hij u niet het hele verhaal. En dat komt vaak voor als mensen elkaar sterke verhalen vertellen. Grote ego's en invloedrijke groepen menen maar al te vaak dat ze het hele plaatje wel kunnen overzien en maken daar een imposant verhaal van. Maar na een tijdje komt er altijd wel een “onredelijke” Xantippe in hun leven, die hun “eeuwige waarheid” weer op zijn plaats zet. Deze onvermijdelijke strijd tussen de vele schepselen op aarde, die allen maar een deel van het geheel overzien, geeft een gezonde dialoog tussen opponenten die ooit eens een onafscheidelijk geheel waren volgens de scheppingsverhalen.

Zie mijn kritische commentaar op Dane Rudhyar daarom niet als een aanval op de persoon of datgene waarvoor hij staat, want daar gaat het me helemaal niet om. Dat zou net zoiets zijn als Cervantes Don Quichot als een dwaas te bestempelen en zijn knecht Sancho Panza als de ultieme realist. Maar dat is maar een klein deel van Cervantes verhaal over moreel ridderschap en de gemene praktijk.

Don Quichot (Spaans: Don Quijote of Quixote) is de hoofdpersoon in de door Cervantes geschreven roman De vernuftige edelman Don Quichot van La Mancha. Deze roman bestaat uit twee delen: het eerste werd gepubliceerd in 1605, het tweede in 1615.
Het boek is een van de eerste geschreven romans in een moderne Europese taal. Het vertelt de komische reisavonturen van een oude edelman die denkt dat hij een dolende ridder is. Deze hoofdpersoon, Don Quichot, is het stereotype van de idealist, een dwaze held die zich met zijn goede bedoelingen maar onpraktische daden min of meer belachelijk maakt.

Die tegenstelling tussen idealisme en realisme komt in ieder mens voor. Ook mijn ridderlijk ego denkt niet altijd even helder en verstandig in de ogen van anderen. En ook ik zal me door onbedachtzaamheid in de juiste woorden en exacte feiten kunnen vergissen. En de valkuil van het groepsdenken, met al die culturele vooroordelen die dat met zich meebrengt, is me als deelnemer aan het sociale verkeer ook niet vreemd.

Maar als mijn dierbaren me niet begrijpen en zeker als ik bij nader inzien mijn eigen woorden niet eens kan volgen, dan zal ik mijn standpunt toch moeten herzien, verhelderen en nader moeten specificeren. Ook al oogstte ik ooit eens succes met dat verhaal voor een ander publiek. Er bestaat nu eenmaal zoiets als voortschrijdend inzicht met als resultaat een betere metavisie. Iets dat ook geldig is voor de minder bedeelden.

Wijsheid en zelfkennis zijn giften van Vadertje Tijd waar Uranische lieden niet eventjes overheen kunnen springen. Het gaat me daarom om filosofische vragen als: Wat is nu eigenlijk redelijk denken? Vanuit welk perspectief werd dat bezien en wat mogen anderen daarvan verwachten? Wat is het verschil tussen redelijk denken en populistisch denken? En hoe komt het dat mensen de gebruikelijke drogredenen niet snel doorzien?

Over die grote vragen kunnen zowel de wereldgeschiedenis als de wereldliteratuur u veel verhalen vertellen. Er zijn namelijk aldoor meerdere zielen in uw borst, als u begrijpt wat ik bedoel, om Toonders stripheld Olivier B. Bommel te parafraseren. En om eerlijk te zijn begrijp ik de motieven van Heer Bommel vaak veel beter, dan die van de veel slimmere Tom Poes. En mijn sympathie gaat ook vaker uit naar de antiheld Donald Duck, dan naar zijn kleurloze neefjes. Maar de gevonden feiten tellen nog steeds in het avontuurlijke leven van een echte heer.

> Top <

Verder maar Statistiek en astrologie volgens Dane Rudhyar.